Vakantie 2002 - deel 2
Zondag 21 juli:
De zondagochtend begon zonnig. Zonnig genoeg in elk geval voor de korte broek. Tegen halfzeven was ik het bed uit en aangekleed maar om te ontbijten op mijn terras, daarvoor was het nog echt wat te fris. Dan de boterhammen maar binnen opgegeten. Daarna ging ik op pad om te kijken of ik ergens mijn dagelijkse hardlooptraining zou kunnen gaan houden. Ik besloot het dal in te gaan en liep via de holle weg, die vlak bij de woning lag en onderdeel uitmaakte van de blauwe wandelroute, naar beneden. Dit was dus absoluut niet een geschikt pad om hard te lopen. Wandelen was soms al moeilijk. De watersporen van overvloedige regenval hadden het pad diep doorgroefd en gigantisch oneffen gemaakt. Overal lagen losse stenen en hardlopen hier zou me snel een enkele reis ziekenhuis bezorgen. Nee, dat was geen doen dus. Eenmaal in het dal liep ik op de grote weg naar links. Daar was wel een vlak stuk maar dat voerde over een camping en ik had het idee dat campinggasten het nou niet echt leuk zouden vinden als er elke morgen heel vroeg een hardloper zou langskomen. Terug dus naar daar waar ik links afgeslagen was. De weg volgend naar rechts kwam ik uiteindelijk bij het begin van het dorp uit. Ik ging het dorp in waar het zo vroeg natuurlijk nog helemaal leeg was. Bijna niemand nog op. Wel lekker rustig eigenlijk maar waar ik voor kwam, vond ik ook hier niet. De straatjes liepen stevig omhoog en maakten het voor mij onmogelijk om hier hard te lopen. Als je het vlakke land rond Zwolle kent, weet je wat ik bedoel.
Nadat ik een tijdje wat rondgelopen had, besloot ik om terug naar huis te gaan. Het was inmiddels halftien geworden en via de weg die ik de vorige dag gereden had, liep ik terug naar mijn huisje. Bij de 'oranje tenten' stopte ik eventjes. Er was nog niet veel bedrijvigheid zo vroeg maar de verkopers waren druk bezig hun goederen, voornamelijk fruit, uit te stallen. Nieuwsgierig geworden naar hetgeen ze nou echt verkochten liep ik er heen. Als een echte kenner, ja dat krijg je als je al een paar jaar een huishouden drijft, liep ik langs de kraampjes en pakte af en toe het een en ander op om te testen.
"Goedemiddag," hoorde ik ineens een stem zeggen. De zachte 'g' was onmiskenbaar aanwezig en gaf het door hem gesprokene iets speels. Ik keek op en demonstratief keek ik op mijn polshorloge.
"Nou, volgens mij is het nog echt ochtend hoor!"
"Ja, maar voor mij is het al middag omdat ik altijd heel vroeg opsta vandaar," zei de zwartharige jongeman gevat. Een echte verkoper. Iemand die niet om een antwoord verlegen zat. Ik nam hem goed in me op voor zover ik hem kon zien daar achter zijn kraam.. Zwart haar, zoals ik al gezegd had en een frisgewassen, vrolijk gezicht met een rechte neus, donkerbruine kijkers en een bijna continue glimlach op zijn lippen. "Waarmee kan ik je helpen?" En gedienstig dus ook nog.
"Zijn jullie al open dan?"
"Nou ja, eigenlijk nog niet maar elke klant is er eentje en ook de vroegen," lachte hij. Ik bestelde kersen, perziken en aardbeien bij hem. Meteen kwam zijn koopmansgeest de hoek omzetten door mij ook nog te wijzen op de overheerlijke zoete druiven en de pasgeplukte nectarines. Dus
deed hij me er daar ook nog wat van. Hij pakte alles in twee plastic tasjes voor me en nadat ik afgerekend had, pakte ik ze op. "Kan ik je misschien ook nog verleiden tot het kopen van een overheerlijk ijsje?" vroeg hij me schalks. Ik stemde toe. "Wat voor smaken wil je?" Oh jee, daar had ik dus niet op gerekend. Hij voerde me naar zijn ijsbakken waar ik wel kon kiezen uit meer dan 10 verschillende smaken. Waarschijnlijk zag hij mijn vertwijfeling. "Weet je wat, als jij nou eens ergens een plekje op het terras zoekt dan kom ik je zo het ijsje brengen. Verrassing van de zaak!"
Die opdracht was voor mij niet al te moeilijk omdat ik keuze had uit genoeg plaatsen want er was nog echt geen enkele klant. In het weekend en vooral op zondag komen de toeristen in de regel pas laat hun bed uit en ik
ik was natuurlijk weer eens de bekende uitzondering op de regel. Eventjes keek ik rond en koos toen een plaats op een bankje met de rug tegen de muur. Lekker in het zonnetje dat zijn uiterste best deed om door te komen. De tasjes zette ik voor me op de tafel neer. Het duurde eventjes voor de jongen kwam maar toen hij mij die mega uit de kluiten gegroeide ijshoorn overhandigde, keek ik mijn ogen uit.
"Je gaat me toch niet zeggen dat je hem niet opkunt!" zei hij met een brede glimlach en een twinkeling in zijn ogen.
"Gut, dat weet ik nog niet hoor maar ik zal mijn best doen."
"Volgens mij ben jij wel een jongen die van likken houdt," zei hij terwijl hij mij de hoorn overhandigde en opnieuw was er die mooie rij witte tanden en die speelse opgetogenheid in zijn blik. Mijn onderbewustzijn noteerde een eerste dubbelzinnige opmerking. Hij ging naast me op het bankje zitten en begon te praten. Ik likte aan het ijs en af en toe gaf ik wat commentaar op zijn soms stekelige opmerkingen. Het bleek dat hij hier vakantiewerk deed in het bedrijf van zijn oom. Samen met zijn neef, en hij wees daarbij naar een jongen die net zo goed zijn tweelingbroer had kunnen zijn, runde hij de tent. "Gaaf, werk wel hoor!" zei hij. "Je ontmoet heel veel mensen en de meeste vakantiegangers zijn vaak vrolijker dan ze normaal zijn. Een grapje hier en daar en het ijs is meteen gebroken," lachte hij.
"Standaardgrapje dus van dat goedemorgen, goedemiddag."
"Ja, maar ik pas hem gedurende de dag natuurlijk wel aan." Ik moest om deze guitige knaap lachen en probeerde grote problemen met het smeltende ijs te voorkomen door sneller te likken. Hij keek me van de zijkant aan en lachte me toe.
"Wat zit je nou te lachen?"
"Ik dacht hoe lekker het zou zijn als je ergens anders aan zou likken." Dubbelzinnige opmerking nummer twee. Deze jongen was geil en had duidelijk ergens zin in. En dat bleek des te meer toen hij zijn hand ongevraagd op mijn bovenbeen legde en deze zachtjes onder de tafel begon te strelen. Ik deed of het me niets deed maar hield dat niet lang vol. In mijn korte broek begon zich duidelijk iets te ontwikkelen en eigenlijk had ik daar geen bezwaar tegen ook. Het was voor mij lang geleden dat iemand mij zo had kunnen opwinden. Toen ik eindelijk door de berg ijs heen was en mijn mond schoonveegde met een servetje, zei hij dat hij moest gaan. "Het werk wacht."
"Goed en ik zal al dat lekkers eens naar huis gaan brengen." Hij stond op en ik vroeg hem hoeveel hij kreeg voor het ijs.
"Verrassing van de zaak had ik toch gezegd! En
als je een keer aan iets anders lekkers wilt likken dan moet je zo 's avonds tegen een uur of halftien eens langskomen," hoorde ik hem zeggen en hij bevestigde het dubbelzinnige met een vette knipoog. Ik stond op, pakte de tasjes van de tafel en zei hem dat ik erover na zou denken. Eventjes legde hij zijn hand op mijn achterste en draaide zich toen om. Een verrassende ontmoeting was dit geweest. Zelden had ik een jonge vent ontmoet die zo direct was in zijn handelen. Vol van verbazing keek ik zijn vertrekkende gestalte na. Zijn donkere haren, gele T-shirt en zwarte korte broek brandden zich in mijn geheugen. Jammer dat ik niet beter had opgelet tijdens het eten van mijn ijsje.
Ik stapte op en liep de kronkelende weg naar boven in een langzaam tempo. Vol van gedachten aan uitbundige seks en mijn stijve bleef gedurende de wandeling stijf zonder ook maar iets in sterkte af te nemen.
Bij het huisje aangekomen hoorde ik uit de tuin geluiden. Ik opende mijn deur en zette het fruit in de koelkast. Daarna maakte ik koffie. Het was een vreemd en eentonig geluid dat uit de tuin kwam. Iets dat leek op: tik, tik, tik. Ja gut, hoe omschrijf je geluiden eigenlijk. Toen de koffie doorgelopen was, opende ik mijn tuindeur en zette me met een mok vol met heerlijk geurend donkerbruin vocht in een tuinstoel. Het geluid begon me zo langzamerhand mateloos te irriteren en toen ik een twee mok had volgeschonken en het nog steeds bleef aanhouden ging ik nieuwsgierig geworden op onderzoek uit. Al snel wist ik het te traceren. Aan het begin van de tuin onder de bomen stond een pingpongtafel en daar was Ken. Hij hield zo'n klein wit balletje in de lucht door hem steeds een klap te verkopen met het plankje waar je dat spel meespeelt. Je kunt het al merken, ik kende de termen niet. Veel verstand van sport maar lang niet van alles natuurlijk.
"Lukt het een beetje?" Met een ruk schoten zijn ogen in mijn richting en meteen viel het balletje op de grond. Eigenlijk was ik blij want het eentonige geluid hield eindelijk op.
"Ja hoor prima. Het is toch niet lastig hè dat ik hier me zo sta te vervelen?" En wat moet je dan zeggen. Zeg je zo'n leuke, jonge jongen dat je het ontzettend vervelend vind dat geluid of lieg je dat het gedrukt staat en zeg je hem dat hij helemaal niet lastig is. Een gewetensvraag.
"Nee, hoor helemaal niet! Ik vroeg me alleen af wat het geluid was maar nu weet ik het." Hij bloosde lichtjes en vroeg zich waarschijnlijk af of ik een leugentje om bestwil had verteld of dat ik het echt meende. "Wacht je op een tegenstander?"
"Ja! Mijn vader is onderweg maar heeft altijd wat tijd nodig 's ochtends om warm te lopen. Hij is niet zo snel meer."
"O? Maar voor jou is dat misschien wel handig natuurlijk als je straks tegen hem speelt."
"Vorig jaar heb ik voor het eerst een aantal partijtjes van hem gewonnen," grinnikte hij, "maar dit jaar gaat hij voor de bijl. Dit jaar verlies ik er niet een meer van hem." Zijn blik was vastberaden en toen zijn vader om de hoek kwam, nam hij meteen plaats achter de tafel.
"Goedemorgen, Rogier," wenste Kens vader me. Ik groette hem terug en toen de heren begonnen te spelen, liep ik terug naar mijn terras en de koffie. Het geluid dat ik nu hoorde was veel prettiger om te horen. Het getuigde van flink spel en tegenspel en af en toe werd het doorspekt van wat krachttermen vooral gebezigd door Jan. Al snel kon ik uit de met verve door Ken vermelde standen begrijpen dat hij op voorsprong stond en het eerste potje won hij met 21-15. Walters senior verloor het tweede spel met 21-19 een nipte overwinning voor Ken dus maar het laatste partijtje van die ochtend ging senior dik de boot in met 21-10. Ken lachte luid toen hij de derde keer won en met de arm om de schouder van zijn vader liep hij langs mijn terras.
"Gefeliciteerd Ken," zei ik. "Ik heb begrepen dat je je ouwe heer geen enkel respijt hebt gegeven."
"Nee! Drie keer heb ik hem ingemaakt."
"Geen wonder ook. Zo'n jonge knul van 16 tegen een oude man van 56. Het zou tijd worden dat je van mij ging winnen. En als je echt een uitdaging zoekt," zo sprak hij tegen zijn zoon, "dan moet je Rogier eens uitdagen! Dan wil ik nog wel eens zien of je kunt winnen!" Voor ik goed en wel wist wat er gebeurde, had Jan Walters mij betrokken bij hun spel. En eigenlijk wist ik helemaal niet of ik dat wel wilde: shit! "Nou?" keek Jan Ken vragend aan.
"Zou je tegen mij willen spelen?" vroeg Ken met een uitdagende blik die hij tussen mij en zijn vader heen en weer liet gaan.
"Graag!" reageerde ik. "Maar je moet me wel eerst de spelregels en zo uitleggen want ik doe heel veel aan sport maar dit heb ik dus nog nooit van mijn leven gespeeld.
"OHHHHHH! Waar ben ik aan begonnen," verzuchtte Jan. "Ik ook altijd met mijn grote mond!" Ken lachte luid en liep met opgeheven hoofd terug naar het plekje onder de bomen. Eerst legde hij mij de regels uit. Daarna hoe ik de bal moest raken en dergelijke en na een kwartiertje van oefenen, begonnen we aan ons eerste spel. Natuurlijk werd ik ingemaakt. Ik wist slechts 3 punten te scoren en dat was niet zozeer mijn verdienste als wel te wijten aan fouten van Ken. Aan mijn kant van de tafel nam ik er regelmatig de tijd voor om mijn tegenstander goed in me op te nemen. Hij had iets overmoedigs over zich. Geen wonder natuurlijk als je zo'n eitje als tegenstander hebt. Hij lachte vaak en luid en op zijn grijze, mouwloze T-shirt zaten een paar grote zweetplekken. Hij was lang, zeker voor zijn 16 jaren, en mager. Hij droeg een lange broek hetgeen ik betreurde want nou had ik verder niets te bekijken. Zijn lange zwarte haren droeg hij in een staart. Hij deed zijn uiterste best om geconcentreerd te spelen en slaagde daar ook in. Hij maakte bijna geen enkele fout en dus haalde ik amper punten. Het tweede spelletje won hij nog dikker, ja het kon nog erger dus. Een punt wist ik slechts te scoren maar dan wil ik je wel zeggen dat dat dankzij een fabuleuze actie van mij was! Ere wie ere toekomt!
Spel nummer drie kwam ik eindelijk in mijn ritme. Ik begon de bal beter te raken en probeerde de bal zo wijd mogelijk te spelen. De ene keer die hoek en dan weer de andere. De precisie begon te komen alleen had ik nog lang niet de snelheid die Ken had. Zijn ballen waren iedere keer zo weer over het net en dan had ik soms amper tijd om iets te ondernemen. Maar ik besloot een truc uit te halen om te kijken of ik hem uit zijn concentratie kon halen. In oorlog, liefde en spel is alles toegestaan toch?
"Poeh wat heb ik het warm zeg," zuchtte ik, legde het batje op tafel neer en trok mijn shirt uit. Jan veegde ook eens langs zijn hoofd zag ik. Ken had de opslag en ik nam een verdedigende houding aan. In een ogenblik zag ik dezelfde reactie als gisteren bij de auto: zijn mond hing open en hij likte met zijn tong langs zijn lippen. Gelukt! Juichte er een stemmetje in mij.
"Zeg jongen, ga je nou nog eens opslaan of hoe zit dat?" drong zijn vader aan. Het juichen in mij bleef aanhouden en toen Ken eindelijk opsloeg maakte hij zijn eerste dubbele fout. Een punt die mij zo in de schoot geworpen werd. Het was er maar een van de vijf uiteindelijk maar ik vond het een heel waardevolle. De jongen was overduidelijk in mij, of misschien wel in jongens in het algemeen, geïnteresseerd en dat was misschien wel meer waard dan het winnen van een spelletje.
"Nou Ken," zei ik toen hij zijn laatste punt gescoord hij, "hier moet ik nog maar eens flink op oefenen wil ik een waardige tegenstander genoemd worden."
"Bedoel je dat je wel vaker tegen mij wilt spelen?"
"Ja, natuurlijk wel. Vind het een leuk spel dus waarom niet!"
"Gelukkig," zuchtte zijn vader, "dan hoef ik dit jaar niet zo vaak aan de bak als vorig jaar!" Hij lachte luid. "Nee hoor jongen," vergoelijkte hij het tegen zijn zoon, "ik speel net zo vaak tegen je als je wilt!" Als kameraden liepen ze met de handen om elkaars schouder geslagen, na een groet aan mijn adres, weg. Een opmerkelijk gezicht. Die lange jonge vent met zijn wel 20 centimeter kleinere vader. Maar ze hadden een goede band leek me en dat is iets wat heel belangrijk is.
Na het middageten trok in een zwembroek aan om in de tuin te gaan liggen zonnen. Het was nog niet echt geweldig warm maar 20 graden is voor mij warm genoeg om schaars gekleed te gaan liggen bruinen. Nu ben ik niet iemand die alleen maar ligt. Ik moet wel wat te doen hebben en dus nam ik een boek mee. Een van de grote stapel die ik mijn laatste verjaardag die ik samen met mijn vader gevierd had van hem gekregen had; bijna een jaar geleden dus al. Het leek erop dat ik ineens dingen ging doen die ik nog niet eerder gedaan had sinds het overlijden van mijn pa. Vanmorgen was ik opgewonden geraakt van die brutale rakker bij die fruitkraampjes en nu, nu pakte ik voor het eerst weer een boek. Een dik boek geschreven door Elisabeth George. Een schrijfster die de naam gekregen heeft dat zij de zogenaamde 'whodunit' verheven heeft tot literatuur. Ik vorderde gestaag en vond het in het begin best wel wat saai en verwarrend en dan vooral de manier waarop zij het verhaal steeds belichtte vanuit een ander persoon. Steeds moest je er dus volledig met je aandacht bij zijn om te weten wie er nu weer aan het denken was! Diverse keren draaide ik me om teneinde niet eenzijdig bruin te worden. Ik lag met mijn hoofd in de richting van het dal en Paul en Paulien speelden in de zandbak. Ze speelden rustig voor zover ik kleuters van vijf kan beoordelen. Heel af en toe hoorde je hun stemmetjes maar de meeste tijd waren ze stil. Dan liepen ze weer naar de schommels toe om daar een tijdje op te spelen. En omdat ik mijn blik dus op de tuin gericht hield, daarom kwam het dat ik Ken totaal niet opmerkte ook niet als ik me omdraaide. Ineens hoorde ik geluid achter me en geschrokken draaide ik me om.
"Hé zit je daar allang?"
"Nou, anderhalf uur geloof ik," zei hij terwijl hij op zijn horloge keek.
"Je had ook best hier bij me mogen komen liggen of zitten hoor!"
"Nee, mijn vader heeft gezegd dat ik je niet lastig mag vallen. Je hebt ook recht op vakantie."
"Nou en! Kom hier bij me zitten je stoort me heus niet."
"Maar je leest een boek?"
"Nou?"
"Dat gaat toch niet als ik bij je kom zitten?"
"Zolang je je mond houdt is dat toch geen probleem?" Vertwijfeld keek hij me aan. "Een grapje Ken!"
"O!"
"Kom op!" Ik maakte een armgebaar dat hij bij me moest komen en ging zelf rechtop zitten. Langzaam liep hij op me toe en ging met opgetrokken knieën, nog steeds in spijkerbroek, naast me zitten. "Heb je het koud?" vroeg ik.
"Hoezo?" Ik wees hem op zijn lange broek. Hij glimlachte.
"Nee, dat niet maar
"
"Je vindt je benen niet mooi?" Hij knikte. "Ja, gut daar kan ik natuurlijk niet over oordelen als ik ze niet gezien heb." Nu glimlachte ik en zag dat hij bloosde. "Sorry, hoor," verontschuldigde ik me, "het was niet mijn opzet om je aan het blozen te maken."
"Geeft niet," mompelde hij.
"Natuurlijk wel. Als je bloost is dat een teken dat je jezelf niet prettig voelt in de regel en dat was dus echt niet mijn bedoeling. Het spijt me." Hij haalde zijn schouders op.
"Ik ben nou eenmaal niet zo'n sportief figuur en dan zie je er ook niet zo goed uit. Ik ben lang, mager en heb gewoon niet zoveel spieren."
"Nou en?"
"Dat betekent dat je voor een nerd versleten wordt en er altijd overal bijhangt. Niemand die zich in jou interesseert. Niemand die naar je luitstert. Je bent alleen maar goed genoeg om steeds al die verhalen van al die anderen aan te horen en zodra jij dan iets zegt, haken ze er met een van hun belevenissen op in en is de aandacht weer terug bij hen!" Eventjes was het stil. "En dan
dan ga je je vanzelf minachten en een hekel aan jezelf krijgen. Je bent alleen maar goed als er op school werk gedaan moet worden. Ken is goed voor het maken van het huiswerk. Ken mag bij iedereen in het groepje omdat Ken altijd alles weet. Bij het maken van proefwerken wil iedereen ineens naast Ken zitten zodat ze bij hem af kunnen kijken." De jongen stortte al zijn puberleed bij mij uit en ik
ik vond het vreselijk rot om te horen.
"Maar al dat wil toch niet zeggen dat je niet waardevol bent?"
"Oh nee? Nou die indruk krijg ik toch wel heel erg vaak. Wie interesseert zich nou voor mij? Wie vindt mij nou belangrijk?"
"Wat dacht je van je ouders?"
"Ja die, maar dat is toch logisch?"
"Oh ja?" Verbaasd keek hij me aan.
"Ik
ik
dacht
het wel," stotterde hij.
"Liefde en aandacht van ouders is niet vanzelfsprekend Ken. Er zijn voorbeelden zat waar ouders hun eigen kinderen verwaarlozen, hun eigen kinderen niet eens erkennen. Dus wees blij met de liefde en aandacht die je van hen krijgt en zie het niet als iets gewoons!"
"Je hebt gelijk. Denk ik," glimlachte hij.
"Ik hoef geen gelijk te hebben maar denk er eens over na. Je bent bijzonder genoeg Ken!"
"Hmmm," bromde hij.
"Nee echt! Ik meen het! Je bent belangrijk voor ze. Ik heb dat toch gezien aan de manier waarop je vader naar je kijkt! En je bent reuzegoed in tafeltennis man!" Een bredere glimlach brak op zijn kaken door. Een tijdje bleven we stil naast elkaar zitten. "Gek toch hè dat die kleintjes zich met zoiets onzinnigs als zand kunnen vermaken?"
"Ja! Ze zijn al tijden bezig daar."
"Waarom trek je niet een korte broek aan. Het is echt warm in de zon man," zei ik opeens terwijl ik hem vragend aankeek.
"Ik heb niet eens een korte broek."
"Wat??" Het ongeloof klonk duidelijk door in mijn vraagtekens.
"Nee, ik draag er nooit een dus waarom zou ik er een hebben."
"Oké," ik sprong in de benen en trok hem ook omhoog, "dan leen je er een van mij!" En vastberaden liep ik naar mijn huisje.
"Nee, niet doen man! Het is echt geen gezicht! Ik ben hartstikke wit!"
"Ja, en dat blijf je ook als je er niets aan doet." Ik was inmiddels naar binnen gelopen en hoorde hem achter me aan komen. Ik liep de trap op en waarschuwde hem dat hij om zijn hoofd moest denken. Hij was langer dan ik was. In mijn tas vond ik een korte broek die ik hem wel kon uitlenen. Ik hield hem in de hoogte. "Deze past je vast wel. Hij heeft een koord zodat je hem strakker kunt aantrekken je bent wat smaller in de heupen dan ik ben." Vertwijfeld keek hij me aan.
"En nu?"
"Nu moet je hem aan gaan trekken natuurlijk. Ik wil die benen van je zien!"
"En blijf jij staan toekijken?"
"Sorry, nee natuurlijk niet." Ik liep de slaapkamer uit en trok de deur achter me dicht. Het liefst was ik natuurlijk wel blijven staan kijken maar
Het duurde eventjes voor hij uit mijn slaapkamer tevoorschijn kwam en eerlijk gezegd viel die witheid best wel mee. "Prachtig man en nu de zon in met dat lijf. Dat shirt kan ook wel uit."
"Nee hè?" verzuchtte hij.
"Kom op jongen doe niet zo moeilijk." En voor hij iets kon uitrichten had ik hem zijn T-shirt uitgetrokken.
"Het is koud!"
"Ja, hier binnen wel maar buiten is het heerlijk." Voordat we weer naar buiten gingen, gooide ik hem wel een tube zonnebrandcrème toe. "Goed insmeren eerst anders verbrand je me!" Hij deed wat van het witte spul op zijn handen en begon zich goed in te vetten. "Die sokken moet je trouwens wel uit doen want met die blote benen en dat blote lijf van jou is dat echt geen gezicht." Stuurs keek hij me aan maar voldeed toch aan mijn eis. Toen hij klaar was, draaide hij een rondje voor me.
"Meneer zo helemaal tevreden?"
"Prima Ken, zo kun je ermee door! Ho wacht! Ik zal je rug nog even insmeren." Met het spul op mijn handen begon ik zijn rug in te wrijven en ineens waren er die geile gedachten. Ik sprak mezelf vermanend toe. Dit kon toch niet. Deze knul was nog maar 16 en ik bijna 24. No way, geen denken aan. Mijn hardheid nam af. Toen ik klaar was, gaf ik Ken een handdoek en zo gingen we weer naar buiten. We praatten verder gezellig met elkaar tot de twee kleine kleutertjes ons kwamen storen.
"Jij bent wit zeg!" zei Paulien tegen Ken.
"Zie je nou wel," kaatste hij terug naar mij.
"Nee Paulien dat zie je niet goed. Hij is niet erg wit, jij bent gewoon al erg bruin." Ze gniffelde.
"Wij willen graag op de wip maar het lukt niet," zei Paul met een beteuterd gezicht.
"We kunnen er niet op komen," legde zijn zus uit. Ken en ik kwamen in de benen en liepen met hen mee de tuin in. We snapten al snel het probleem. Als de ene kleuter ging zitten, kon de ander van zijn lang zal zijn leven nooit meer aan de andere kant plaatsnemen. Tijd voor hulp dus! Ken ging met Paulien aan de ene kant zitten en ik met Paul aan de andere. En zo begonnen we te wippen. De kinderen hadden grote lol en wij niet minder, had ik het gevoel. Onze schaterlachen klonken door de tuin en het dal. Grote lol vanwege zoiets simpels als een wip.
"Jullie hebben deze meneren toch niet gevraagd om met jullie te spelen hè!" klonk het ineens bars. Verschrikt keek ik op en zag Antoinette staan met haar ander kleutertje op de arm.
"Nee, echt niet hoor mama!" verkondigde Paul. Ken stapte af en hielp het meisje op de grond. Daarna deed ik hetzelfde met Paul. Ken stond er wat verlegen bij maar ineens begon hij te praten.
"Nee, hoor mevrouw ze hebben ons niets gevraagd. Wij hebben aangeboden met hen te spelen." Antoinette keek hem strak aan.
"Het is dat je zo'n leuk koppie hebt anders
" Ken werd rood en ik moest vreselijk lachen. Het bleek dat Antoinette wist hoe ze mannen moest laten blozen. Gisteren deed ze het bij mij en nu bij Ken. "Kom kleuters, we gaan met de auto weg!" De twee holden voor haar uit.
"Zit niet zo stom te grijnzen jij!" zei Ken terwijl hij naar me uithaalde. Ik holde weg en Ken kwam achter me aan. Na heel lang hem voorgebleven te zijn, dreef hij me uiteindelijk in een hoekje. Bewust liet ik me door hem op de grond gooien en
hij dook boven op me. We rolden door het gras en lachten beiden keihard. Toen hij me weer een keer onder had, keek hij me recht in de ogen.
"Zin in een spelletje?" vroeg ik hem.
"Zeker, tegen jou altijd!"
"Je bent een gemenerd Ken. Je durft wel tegen mij hè?"
"Ja. Ben ik eindelijk eens niet de nerd!"
"Oh dank je. Nu vraag ik me af of ik nog wel tegen jou wil spelen?"
"Sorry Rogier. Ik meende het niet zo."
"Nee, dat weet ik ook wel joh. Kom op!" Ik duwde hem van me af en stond op. Samen liepen we naar de tafel toe. Vanwege de steentjes rond de speelplaats trokken we beiden eerst onze gympen aan. Blote voeten en steentjes; dat is niets waard.
Natuurlijk verloor ik alledrie de partijtjes die we speelden maar toch wist ik bij een van de drie meer dan 10 punten te halen en dat was, vond ik, een geweldige prestatie.
"Volgens mij duurt het niet lang meer of je bent een geduchte tegenstander," zei Ken na afloop van het laatste spelletje. Beleefd boog ik naar hem.
"Dank je wel! Ja, heb zelf ook het idee dat ik het al aardig leer. Maar
van jou winnen dat zal nog wel eventjes duren." We liepen terug naar mijn terras en ik vroeg hem of hij wat wilde drinken. Zijn antwoord liet lang op zich wachten. "Waarom zeg je niets?"
"Ik mocht je niet lastigvallen van mijn ouders en nu ben ik al een hele tijd hier bij je en
"
"Je lust vast wel cola," zei ik terwijl ik mijn huisje binnenging.
"Maar," begon hij toen ik terug was.
"Niets te maren Ken. Als ik je zat ben, stuur ik je wel weg. Afgesproken?" Hij was nog niet echt overtuigd dat hij niet lastig en vervelend was maar knikte toch, zij het heel lichtjes. Heel lang bleven we die middag met elkaar praatten. En voor iemand die eindelijk de kans had om van zich af te praten was hij beleefd genoeg om ook af en toe naar mij te luisteren. Het was tegen vijf uur toen meneer Walters het trapje naast mijn huisje afkwam.
"Ahh, hier ben je dus!" zei hij toen hij Ken zag zitten. "Je moeder en ik vroegen ons al af waar je was. Is het niet veel te koud zo bloot?
"Nee hoor," antwoordde Ken. Beleefd vroeg ik Jan of hij ook wat wilde drinken. "Nee, dank je wel. We moeten zo eten."
"Ken? Jij nog?"
"Nou dat lijkt me niet goed jongen," antwoordde zijn vader voor hem, "we gaan zo eten."
"Nee, dank je," antwoordde Ken. Ik wist genoeg. Niet alleen voelde Ken zich een nerd vanwege hetgeen er waarschijnlijk op school rond hem gebeurde maar hij had ook nog eens ouders die waarschijnlijk vreselijk bezorgd waren en heel veel dingen uit goedheid voor hem beslisten. De glimlach die een groot gedeelte van de middag rond zijn lippen had gelegen, was ineens verdwenen. En nadat meneer Walters een tijdje had gepraat, stond hij op om naar huis te gaan.
"Ik wist niet eens dat je een korte broek had?" zei hij.
"Ik heb hem er een geleend," antwoordde ik prompt.
"Nou dat is heel aardig van je maar Ken denk er wel om dat je hem weer teruggeeft hoor!" Hij draaide zich om en verdween. Eventjes bleven we nog zitten kijken. Ken ontzettend beteuterd en ik wist ook niet echt wat ik moest doen.
"Dan moet ik maar eens gaan," zei hij. Ik stond op en liep voor hem het huisje binnen. Ken sjokte achter me aan. En bewust schrijf ik 'sjokte' want hoe moet je het anders noemen als je weet dat zo'n lange jongen met slepende tred en neerhangend hoofd achter je aan loopt? Dit keer kleedde hij zich in mijn bijzijn om. Hij zag er goed uit voor een zestienjarige. "Dank je voor het lenen," zei hij terwijl hij mij de korte broek aanreikte.
"Neem hem mee Ken en draag hem zoveel mogelijk." Zijn gezicht stond donker en bedroefd. "Alsjeblieft," smeekte ik. "Niet voor mij maar voor jezelf joh!" Met de korte broek in zijn hand liep hij voor me aan de trap af en ging hij naar huis. Shit, wat een anticlimax zoiets. Had ik hem zover gekregen dat hij een korte broek aandeed, dat hij zich wat vrijer gedroeg, hadden we zoveel plezier gehad met die kleuters en met elkaar en dan ineens
ineens was alles over door een enkele zin uitgesproken door zijn vader. Woest sloeg ik met mijn vuist tegen de muur die natuurlijk geen enkele schuld had.
Voor mij stond er die avond macaroni op het menu. Makkelijk klaar te maken en daar hou ik wel van op vakantie. Niet dat ik gezonde kost helemaal mijd in de vakantie maar toch wil ik het me dan niet elke dag moeilijk maken met een aantal pannen op het fornuis. Hetgeen ik gefabriceerd had, smaakte me prima en nadien deed in fluitend op muziek van Billy Joël de afwas. Daarna trok ik een korte broek en T-shirt aan en wandelde ik via de holle weg het dal in. Niet om naar die ijsverkoper te gaan want daar was ik voor mezelf nog niet helemaal uit. Ik had ook nog niet echt aan hem gedacht maar nu kwamen die gedachten wel. Bewust duwde ik ze echter ook weer weg. Nog even niet. Ik wilde genieten van het weer en van de omgeving. Drie kwartier later was ik weer terug. Bij de Volmolen had ik het pad door de weilanden genomen zodat ik bewust niet langs zijn kraam had hoeven te gaan. Aan hem wilde ik nog niet denken! Thuis hoorde ik het getiktak van het pingpongspel tussen Ken en zijn vader, tenminste daar ging ik vanuit. Ik zette koffie voor mezelf en toen Jan Walters uitgespeeld was en met het batje in zijn hand langs mijn terras liep vroeg ik hem of ik het batje over mocht nemen van hem.
"Jawel maar je moet het niet als een verplichting zien hoor om je bezig te houden met Ken."
"Dat doe ik absoluut niet Jan. Ik vind het een leuk spel en het in mijn eentje spelen, daar is geen donder aan!" glimlachte ik naar hem.
"Nee, ik meen het serieus!"
"Ik ook. Ik voel het niet als een verplichting als ik met Ken een paar spelletjes tafeltennis speel."
"Maar vanmiddag heeft hij jou ook al lastig gevallen en is hij heel lang bij je geweest heb ik begrepen."
"Hij heeft mij niet lastiggevallen. Ik heb hem zelf gezegd dat hij bij me moest komen zitten. Dus
"
"Ja maar!"
"Jan laten we het volgende afspreken. Laat mezelf bepalen wanneer ik met Ken wil praten en een spelletje wil spelen. Ik geloof dat ik daar oud en wijs genoeg voor ben." Ik keek hem recht in zijn ogen.
"Je hebt waarschijnlijk gelijk," zei hij terwijl hij zijn ogen neersloeg.
"Daar gaat het niet om Jan. Ik wil plezier hebben in mijn vakantie. En tafeltennis draagt daaraan bij denk ik," zei ik glimlachend. Hij reikte mij het batje aan en ik nam het van hem over. Ken stond wat mistroostig bij de tafel met zijn rug naar me toe en ik hoopte dat hij van de conversatie tussen zijn vader en mij niets meegekregen had. "Hé knakker! Klaar om ingemaakt te worden?" Verrassing stond op zijn gezicht te lezen.
"Hé? Jij?"
"Ja, ik! Verrast?" Hij knikte. "Nou kom op. Laten we elkaar afmaken." Gretig nam hij de eerste opslag. Elkaar afmaken daar kwam het niet van. Ik werd afgemaakt en opnieuw drie keer op een rij. Maar
en daar ging het mij om, we hadden grote lol. De lachsalvo's klonken over en weer en na de drie partijtjes had ik alleen maar last van mijn buikspieren en dat niet van het tafeltennis.
"Dan moet ik nu maar eens gaan," zei Ken toen we uitgespeeld waren. Ik begreep wat hij bedoelde en wilde het niet ongemakkelijker voor hem maken door aan te dringen dat hij wat zou blijven drinken of zo.
"Goed," reageerde ik. "Ik zie je morgen of zo wel eens weer."
"En bedankt voor
"
"Ken, hou op! Laten we het erop houden dat we beiden plezier gehad hebben! Oké?" Hij knikte en was weg. Van de wandeling en het tafeltennis stonk ik nu als een otter naar het zweet en als ik nog wat wilde vanavond dan
zou ik zeker moeten gaan douchen. Netjes gedoucht en aangekleed kwam ik weer beneden en wist nog steeds niet of ik het zou doen. Voors en tegens spookten door mijn hoofd maar een redelijk afgewogen besluit kwam er niet. Tenslotte trok ik tegen tien uur toch mijn schoenen aan en liep ik het dal in. Het was donker inmiddels maar de straatlantaarns verschaften me voldoende licht. Bij de verkoopplaats aangekomen was het leeg en stil. De tentdoeken wapperden in de wind en maakten een vreemd, spookachtig geluid. Van mijn verkoper was geen spoor te bekennen. Natuurlijk, eigen schuld. Ik was ook veel te laat! Toch liep ik het terrein op. Ik liep naar de kraampjes toe en ineens viel mijn oog op een pad dat daar achter tussen de struiken doorvoerde. Nieuwsgierig geworden, liep ik naar achteren toe. Het was een geïmproviseerd, platgetreden pad en ik moest grote moeite doen om te voorkomen dat de overhangende takken me in het gezicht raakten. Toen ik de grootste hindernissen genomen had, stond ik plotsklaps voor de contouren van een bouwval: de ruïne van wat eens een voorname boeren hofstede moest zijn geweest. De houten toegangsdeuren waren verdwenen en het enige dat daaraan nog herinnerde was de boogvormige poortopening. Een aantal meters achter die opening zag ik een vuurtje branden. Voorzichtig om zo weinig mogelijk geluid te maken, kwam ik dichterbij en in de poortopening liet ik me op mijn hurken zakken. Verscholen in de schaduw keek ik opnieuw.
Twee bijna identieke jongens zaten naakt op hun knieën tegenover elkaar. Ik herkende de ijscoverkoper aan zijn glimlach. De ander moest gezien de grote gelijkenis zijn neef zijn. Het vuur trok grillige patronen over hun blote lichamen en bij het licht ervan zag ik dat ze hun handen over elkaars lichaam lieten glijden. Hun hoofden kwamen dichter bij elkaar en er werd een lange tongzoen uitgewisseld. Beiden waren ze mooi. Donker haar op hun hoofden en ook op hun borst hadden ze allebei donker haar. Ik voelde dat ik hard begon te worden en legde mijn hand op mijn korte broek om het een en ander een beetje te verschuiven. De zoen werd verbroken en de neef (zo zal ik hem maar blijven noemen want ik kende zijn naam niet noch die van de verkoper) stond op. Een aardig stijve pik kwam nu op mondhoogte van de ijscoverkoper. Hij nam het ding in zijn hand en likte er met zijn tong aan. Het maakte me duidelijk dat ook hij niet vies van likken aan iets anders dan een ijsje was. Zijn natte lap gleed eerst langdurig en uiterst langzaam rond de eikel. Zijn neef had zijn hoofd achterover en ik zag hoe zijn mond wijdopen stond. Af en toe hoorde ik hem diep brommen en kreunen. De verkoper liet zijn tong langs de schacht heen en weer gaan en maakte af en toe een uitstapje naar de ballen van zijn neef. Toen nam hij de dikke kloten een voor een in zijn mond en knabbelde er waarschijnlijk zachtjes op. Na een tijdje zo zijn partner verwend te hebben, nam hij hem helemaal in zijn mond. De neef was waarschijnlijk ongeduldig want ik zag hoe hij het hoofd van mijn verkoper aan de zijkanten beet pakte en wild zijn mond begon te neuken. Het gekreun klonk heftig door de doodstille avond. Hij kwam klaar en ik zag spoortjes zaad uit de mondhoeken van mijn verkoper stromen. Nadat hij zijn mond had afgelikt, stond ook hij op. Een nieuwe tongzoen volgde. De neef draaide zich om en de verkoper zakte op zijn knieën achter hem neer. Hij liet zijn handen over de ronde billen glijden en likte met zijn tong de spleet. Toen besloot ik uit mijn schuilplaats tevoorschijn te komen. Ze gingen verder met hun spel en niet eerder dan dat ik in het midden van de poortopening stond en mijn keel schraapte, merkten ze me op.
"Hé, ben je toch nog gekomen?" zei de verkoper. Ik knikte. "Kom erbij joh dan maken we met z'n drieën plezier." Ik liep de open plek naar het vuur op maar bleef op geruime afstand van hen staan.
"Je hoeft niet zo verlegen te doen," zei de neef en ook had hij die zachte 'g' in zijn stem liggen. Ik bleef echter op afstand. Toen ze beiden mijn richting op kwamen lopen, hief ik een hand op.
"Ho, ik geloof niet dat ik dit wil." Meteen draaide ik me om en liep weg. De takken zwiepten me tegen het hoofd maar het maakte me allemaal niet uit. Ik wilde alleen maar weg! Half rennend ging ik over de parkeerplaats en toen ik bij de weg was, voelde ik ineens een hand op mijn schouder. Geschrokken draaide ik me om.
"Sorry, ik wilde je niet aan het schrikken maken." Het was mijn verkoper. Hij droeg een sportbroekje en schoenen meer niet en hijgde. Klaarblijkelijk had hij nog harder gelopen dan ik want anders had hij me hier nooit kunnen inhalen. "Ik dacht dat je niet meer zou komen," begon hij. "En daarom
daarom ben ik wat gaan doen met Kees."
"Je hoeft je niet te verontschuldigen. Ik was er gewoon niet dus!"
"Maar je bent toch gekomen!"
"Ja."
"Klinkt niet echt overtuigd!"
"Is het ook niet."
"Maar waarom ben je dan toch hier?"
"Ik weet het allemaal niet meer. Ik
ik heb heel lang zitten denken vanavond en kwam er gewoon niet uit. Maar toen ik jullie zo bezig zag, wist ik gewoon dat het niet goed was dat ik hier was. Ik ga naar huis."
"Wacht, wil je echt helemaal niets? Ook niet met mij alleen dan?" Hij legde zijn armen om mijn nek en drukte zijn lijf dicht tegen het mijne. "Ik geloof het wel," zei hij. "Ik voel het gewoon." En hij had gelijk. Mijn lichaam verraadde mijn ziel. Mijn pik was keihard en klopte in mijn broek. Maar verder riep alles keihard 'NEE' in me. En daarom duwde ik hem zachtjes maar wel duidelijk van me af.
"Het spijt maar ik wil echt niets. Dat ding is keihard, ik weet het maar alles in me roept dat ik het niet moet doen."
"Als Kees het probleem is dan stuur ik hem zo weg hoor."
"Nee, ik wil gewoon helemaal niets." Gedurende een aantal minuten stonden we zwijgend tegenover elkaar.
"Ligt het aan mij? Ben ik niet knap genoeg?"
"Dat is het niet
vertel me in elk geval je naam als je wilt."
"Ik heet Bram en jij?
"Rogier. Maar dat is het niet Bram. Je bent gewoon hartstikke knap dat merkte ik vanmorgen vroeg reeds op en daarnaast ook nog eens heerlijk spontaan en impulsief en van wat ik zo net gezien heb absoluut niet vies van seks dus
dat is het allemaal niet."
"Maar wat dan wel?"
"Het ligt aan mij en het zou tijden duren voor ik je het duidelijk zou kunnen maken, zo het me al zou lukken het onder woorden te brengen."
"Ik heb tijd."
"Nee, laten we het niet doen Bram. Het voelt bij mij gewoon niet goed. Ik ga!" Resoluut draaide ik me om en liep bij hem weg. Ik hoorde zijn voetstappen achter me aankomen.
"Kan ik je echt niet overhalen? Op geen enkele manier?" Ik hield stil en draaide me naar hem om.
"Bram je bent een lieve jongen maar
nee. Het ligt aan mij dus voel je er niet schuldig door of zo. Ga terug naar Kees en geniet van elkaar." Met die woorden draaide ik me opnieuw van hem af en liep de weg op naar boven. Ik weet niet of Bram is blijven staan omdat ik niet omgekeken heb.
Wordt vervolgd...
4805 keer gelezen
Score: 8
(van aantal stemmen: 208)
Je moet eerst inloggen om te kunnen stemmen.
