Chasin\\\'Angels
Als de dag de nacht verjaagt, wat verjaagt dan de dag?
Met deze filosofie omarm ik het ochtendgloren. Ik wrijf de slaap met mijn linkerhand weg en stil de wekker tastend met mijn rechter. Ik gooi de paarse lakens van mijn blanke huid en voel de koude houten pakketvloer onder mijn voeten. Ik loop langs de lange balkondeuren, de hoge witte gordijnen laat ik gesloten en ik vervolg mijn in een rode handdoek geklede weg door de suite.
Het is een ruime kamer, waar ik me in bevind. Ik tast de grote leren stoel met mijn vingers, glijdt er langzaam langs op en voel de avondkou nog in mijn vingertoppen. De nacht trekt hier maar langzaam weg, maar die verkoeling bevalt me wel. Het gevoel van iets nieuws. Ik denk nooit lang na over gisteren en richt mijn aandacht liever op vandaag en morgen.
De leren stoel voelt aanlokkelijk en ik laat mijn lichaam erin glijden. Even geniet ik van de kou tegen mijn warme spieren, de aanspanning die zich weer ontspant, daarna sta ik op en rek me uit voor een eerste maal. Mijn vingertoppen glijden langs mijn schouders en borstkas en even denk ik terug aan gisteren.
De deur links van de zithoek open ik en reikend naar de lichtknop glijdt het kleed van mijn lichaam.
Het licht gaat aan en ik knipper een paar keer met mijn ogen voordat de contouren van de douche zichtbaar worden. Het is een warme aanblik, de wit met bruine tinten. Een lelie op een houten tafeltje siert de linkerhoek en een grote ronde spiegel hangt boven de wasbakken.
De douche gaat aan, het water stroomt naar beneden en even stokt mijn adem.
Ik strijk wat door mijn haren en langzaam kleurt het bruinrode donker. Ik draai mijn hoofd naar boven en voel de druppels water langs mijn kaaklijn verder afstromen. Mijn bovenbenen lijken te ontspannen wanneer ik ze teder masseer.
Ik stil de douche en geniet nog even van de laatste druppels op mijn schouders. Dan open ik de cabine en raak bevangen door de wind die mijn welgevormde lichaam omarmt. Ik pak de rode handdoek van de grond en droog mijn lichaam ongemoeid. Dan sluit ik het raam naast het bad en loop naar de spiegel toe.
Mijn zachte gelaatstrekken, mijn amberkleurige ogen. Ik begin mezelf langzaam door zijn ogen te zien en vraag me af of mijn beeld nog steeds op zijn netvlies doorleeft.
Hij had het gezegd, toen ik daar lag, op de koude grond.
2378 keer gelezen
Score: 3
(van aantal stemmen: 213)
VERTALEN - Je moet eerst inloggen om te kunnen stemmen.
