Vakantie 2001 - deel 3

Vrijdag 3 augustus (het tweede gedeelte):
De rit naar huis was een martelgang. Niet vanwege het verkeer en ook niet vanwege mijn gruwelijke hekel aan die automatische signaleringen boven de weg maar puur en alleen vanwege de opgebroken relatie tussen Casper en mij. Regelmatig moest ik mezelf flink herinneren dat ik aan het autorijden was om niet de concentratie helemaal te verliezen. De vakantie was zo goed begonnen en had zulke prachtige dingen bevat dat ik me gewoon niet kon voorstellen dat alles pats, boem over was. En toch was het zo. Onze ideeën over wat een relatie nou eigenlijk was, hadden zover uiteen gelegen dat de breuk onoverkomelijk geweest was. Hij wilde ruimte hebben en ik juist de dichte nabijheid. Tenminste zo zag ik het.

Het verkeer was gelukkig niet erg druk en daarom bereikte ik toch nog redelijk snel het rustige Dalfsen. Mijn huis ligt aan de rand van het dorp en heeft een prachtig uitzicht op de weilanden die het dorp omringen. Gelukkig grazen daar na de MKZ-crisis weer de koeien want die weilanden zonder die beesten was toch wel een erg droevig gezicht. Droevig was ik ook toen ik de auto, vanwege de aanhoudende regen, rechtstreeks de garage binnenreed en alleen het huis betrad. Weer helemaal alleen. Ik begon mijn alleen zijn als een last te voelen. Ik had zo de behoefte aan iemand die met mij zijn leven wilde delen dat ik er haast wanhopig van werd. Zeker nu, nu ik gedacht had iemand gevonden te hebben en weer te moeten merken dat het mislukt was. Lag het aan mij? Stelde ik dan te hoge eisen? Om al die muizenissen weg te werken besloot ik eens flink de handen uit de mouwen te steken. Ik sorteerde de was en laadde de wasmachine. Daarna bekeek ik de post die keurig gesorteerd door de buurvrouw op mijn bureau lag. Ook het lijstje met terug te bellen telefoonnummers werkte ik meteen af en zo was het al tegen vijven toen ik eindelijk op de bank neerplofte. De wasmachine bliepte dat hij klaar was en daarom kwam ik toch maar weer in beweging. Ik hing de was op en merkte toen dat ik best honger had. De twee broodjes die ik onderweg achter een benzinestation genuttigd had, waren niet genoeg geweest. Ik bekeek de inhoud van mijn diepvries en besloot dat het toch maar eens tijd werd voor een goede Nederlandse maaltijd. Niets diepvriesspul! Net toen ik de aardappels in het mandje had gedaan ging de bel. Met mandje en al liep ik naar de voordeur. De buurvrouw.

"Hallo, ik dacht al dat ik je had zien terugkomen. Alles goed geweest?" Ik antwoordde dat het leuk was geweest en bedankte haar voor het werk dat zij in huis had gedaan tijdens mijn afwezigheid. Normaal doet zij bij mij ook altijd de schoonmaakwerkzaamheden maar in de vakantie geeft ze alles een 'grote beurt' en is zij ook mijn telefonische hulpdienst. Mijn toestel is dan doorgeschakeld naar het hare en zij zorgt er keurig voor dat ik, zoals gebeurd was, niemand vergeet terug te bellen. "Maar moet jij nu nog het eten gaan klaarmaken. Niets daarvan kom maar mee!" En of je het wilt geloven of niet, ze sleurde mij als het ware mijn huis uit.

Even later zat ik achter een goede, voedzame kost prettig te converseren met de buurvrouw en haar man. Vanaf de bouw van onze huizen, zo'n drie jaar geleden, wonen we al naast elkaar en we kunnen het uitstekend met elkaar vinden. Zoals ik al zei doet zij, sinds ik alleen woon (een jaar nadat Peter en ik het huis betrokken hadden), de boel bij mij thuis en als tegendienst help ik de buurman met de administratie van zijn Fietsreparatiebedrijf en zijn belastingpapieren. Betalen over en weer doen we elkaar niet. De buurvrouw wil ook dolgraag in mijn 'wilde tuin' aan de gang maar dat heb ik tot nu toe steeds weten te voorkomen. Niet omdat ik hem graag wild wil houden maar omdat ik me dan toch echt bezwaard zou gaan voelen. Het was reuze gezellig en tijdens het eten vergat ik helemaal mijn gedachten aan Casper. Pas toen ik tegen tienen weer mijn huis binnenkwam schoten de herinneringen weer door mijn hoofd. Ik ging naar mijn 'stille kamer' toe en deed daar de drie kaarsjes aan. Daarna zette ik me op mijn bankje op de mat en probeerde te mediteren. Het ging van geen kant. Telkenmale was de jongen in mijn gedachten en hoe hard ik ook probeerde mijn aandacht bij het tellen te houden, veel verder dan de vier wilde ik maar niet komen. Ik bleef echter zitten. Vijfentwintig minuten lang bleef ik stil zitten. Eén van mijn leermeesters heeft ooit gezegd dat er niet een 'goed zitten' was. 'Heb je gezeten?' vroeg hij dan. Je antwoordde netjes met 'Ja' en dan kwam zijn simpele antwoord: 'Dan is het toch goed geweest.' Zo vatte ik die avond mijn oefenen dan maar op. Ik had gezeten.

Ik stapte na het mediteren onder de douche en ging in badjas nog wat naar de t.v. kijken. Veel was er niet op maar tijdens mijn afwezigheid hadden de buren wat programma's voor mij opgenomen en daar had ik wel zin in. Ik speelde de ene na de andere quiz af en zo werd het snel laat. Toen ik ze afgekeken had was het al kwart voor één. Dus…

Zaterdag 4 augustus 2001:
Ik rekte me uit en schrok op van het plotselinge geblieb van mijn mobiele telefoon. Gelukkig heeft dat ding in huis een vaste plaats en kon ik hem snel opnemen. "Vincent."

"Hoi, met Casper." Zijn stem klonk zacht en weifelend. "Sorry dat ik je zo laat stoor maar zou je mij kunnen komen ophalen." Mijn hart maakte een sprongetje maar meteen was er ook die twijfel. Wilde ik dat?

"Waar bel je dan vandaan?"

"Ik sta ik Zwolle op het station. Net aangekomen met de trein vanuit Heerlen." Hij merkte waarschijnlijk mijn terughoudendheid en drong aan. "Alsjeblieft. Geef me tenminste de kans om nog een keer met je te praten. Als we er niet uitkomen, neem ik hier wel een hotel maar kom alsjeblieft."

"Okay, ik kom er aan. Geef me echter wat tijd. Ik moet me aankleden en het duurt zeker een halfuurtje rijden, okay?"

"Ik wacht wel op je hoor. Ik zou niet weten waar ik anders heen moet!"

Snel kleedde ik me aan en hem kennende nam ik ook een joggingbroek en een dikke trui voor hem mee. Het zou me helemaal niets verbazen als hij daar in korte broek en T-shirt op het stationsplein zou staan. Voor het eerst sinds ik thuis was gekomen voelde ik me weer vrolijk. Er was een opening. De breuk was dus nog niet definitief geweest. Snel maar niet roekeloos, vond ik mijn weg in het donker naar de grote stad. Het weer was bedroevend slecht. De regen striemde tegen de voorruit en het waaide behoorlijk. Toen ik tegen halftwee het stationsplein opdraaide was het er zo goed als verlaten. Ik zag de eenzame figuur in de regen bij een lantaarnpaal staan. Ik reed er naar toe en opende van binnenuit het portier voor hem. "Hoi," begroette hij mij en stapte naar binnen.

"De zomer is hier echt over hoor! Had je niet wat warmers aan kunnen trekken?"

"Nee, ik ben een beetje overhaast vertrokken weet je."

"Achterin liggen warme kleren voor je trek die maar aan." Hij pakte de kleren en bedankte me. Snel ontdeed hij zich van zijn doorweekte spullen en trok die van mij aan. "Waarom ben je eigenlijk in de regen blijven staan wachten. Je had toch ook wel ergens kunnen schuilen!"

"Ik was bang dat je mij zou missen," zei hij terwijl hij zich aankleedde. "Wow, dat voelt een stuk prettiger man." Het werd stil tussen ons. De motor van de auto verwarmde de cabine en maakte het meeste lawaai."

"Praten we hier of bij mij thuis?"

"Misschien is hier beter," begon hij. "Als we dan niet tot elkaar komen, kan ik hier een hotel nemen en morgen doorreizen naar Groningen."

"En mijn kleren dan?"

"Die stuur ik je wel op."

"Als ik gedacht had dat er geen mogelijkheden waren Casper, dan was ik niet gekomen. Dus ik denk (met een duidelijke nadruk op ik) dat het beter is als je met me meekomt naar huis. Praten doen we daar dan wel. Okay?" Ik wachtte op een instemmend knikje van hem en reed toen de auto weer door de stad in de richting van het verlaten, donkere land rond Zwolle. Het was behaaglijk warm en Casper koesterde zich in die warmte. Hij was niet de praatgrage Casper die ik kende van de eerste dagen en dat was maar goed ook want de duisternis, het bar slechte weer en de smalle weggetjes maakten het rijden al moeilijk genoeg. Ik had mijn aandacht hard nodig bij het rijden. Ik deed er langer dan gebruikelijk over maar dat was gezien de omstandigheden niet bijzonder. Toen we mijn huis naderden, gingen de lichten op de oprijlaan als vanzelf aan. Er ontsnapte een zucht aan Caspers lippen.

"Wow, dat ziet er goed uit zeg!" sprak hij met bewondering. "Gaaf man."

"Bekijk het morgen maar eens beter. En dan vooral de tuin. Dan zeg je geen 'wow' meer," lachte ik. We reden de garage in en stapten uit. Ik hield de tussendeur naar de bijkeuken voor hem open en liet hem voorgaan. "Wil je wat drinken?"

"Ja, wat warms graag. Ik heb het nog steeds koud!"

"Koffie of thee, ik heb alleen kruidenthee."

"Ben je echt zo'n alternatieveling?"

"Ja, echt. Had je niet gedacht hè?" Als antwoord glimlachte hij en zei dat hij graag thee wilde.

"Maar, zou ik misschien eerst even mogen douchen. Ik heb het zo koud!"

"Natuurlijk!" Ik ging hem voor naar boven, wees hem de badkamer en legde handdoeken, een badjas, een short, sokken en een T-shirt voor hem klaar. Daarna ging ik naar beneden om de thee te maken. Het water kookte snel maar ik was er niet echt bij met mijn gedachten en werd dus in mijn mijmeringen gestoord door de fluit van de ketel. Van harte hoopte ik dat het nu niet te verwarrend allemaal voor mij zou worden. Zou ik hem terug kunnen laten komen in mijn leven zonder enige vorm van wrok? Zomaar, zonder voorwaarden vooraf? Ik zette het theepotje op het theelichtje om de thee te laten trekken en ging op de bank zitten. Toen de thee klaar was, schonk ik haar in twee grote mokken. Vlak daarna kwam Casper naar beneden. "Ben je wat opgeknapt?"

"Ja, man. Ik voel me weer bijna herboren. Maar in elk geval weer heerlijk warm. Ah, lekker de thee is al klaar." Hij zette de mok aan zijn lippen en nam voorzichtig een paar kleine slokjes. "Heerlijk is dat. Nou word ik ook van binnen weer lekker warm." Hij glimlachte naar me. Ik pakte mijn beker ook op en begon ook te drinken van de lekker ruikende thee. Inderdaad, de thee zorgde voor een heerlijke, verwarmende uitwerking. Maar terwijl ik zo naar hem zat te kijken, merkte ik dat hij vreselijke moeite moest doen om zijn ogen open te houden. Af en toe viel zijn hoofd zelfs iets naar voren. Hij moest doodop zijn. Toen hij zijn mok leeg had, zette hij hem op tafel neer en wilde gaan praten.

"Sorry, Casper maar ik denk dat het veel beter is als we gaan slapen. Je kunt je ogen bijna niet meer open houden!" Hij knikte.

"Maar morgen moeten we wel eerst praten hoor!"

"Okay, baas. Helemaal mee eens. Maar nu naar bed eerst." Ik had mijn mok intussen ook geleegd en ging hem voor naar boven. "Wil je bij mij slapen of op een logeerkamer?"

"Moet je dat vragen?" Nee, natuurlijk had dat niet gemoeten maar had dat misschien te maken met mijn eigen onzekerheid? Ik denk het wel. Terwijl hij zijn tanden poetste, douchte ik me. Toen ik in de slaapkamer kwam, lag hij al languit.

"Vind je het goed dat ik aan deze kant slaap?" Ik knikte en stapte bij hem in bed. Meteen kroop hij tegen me aan. Hij was geheel bloot en het voelde fantastisch bovendien was hij lekker warm.

"Zullen we gaan slapen?"

"Ja, dat lijkt me het beste." Ik draaide me op mij zij van hem af en voelde hoe hij zijn lijf tegen mijn rug legde. Wow, wat voelde dat goed. Het was pas de tweede nacht dat wij in een en hetzelfde bed lagen maar het was als vanouds. Al snel hoorde ik aan zijn trage, diepe ademhaling dat hij diep in slaap was. En ook ik kon, ondanks alle vragen die in mijn hoofd opdwarrelden, niet lang meer wakker blijven.

Toen ik wakker werd, was het al bijna tien uur. Casper lag van me afgewenteld nog diep in slaap en alhoewel we afgesproken hadden eerst te zullen praten met elkaar herinnerde ik me ineens dat de mondvoorraad die de buurvrouw voor dit weekend voor mij had ingeslagen nooit toereikend zou zijn om een jongen met de eetlust van Casper te verzadigen. Voorzichtig stapte ik uit bed en waste me in de badkamer. Daar kleedde ik me ook aan om daarna beneden snel wat te eten. Ik legde een briefje voor Casper neer en verliet het huis. In de supermarkt was het reuzedruk. Normaal doe ik nooit boodschappen op zaterdagochtend om dit soort topdrukte te vermijden maar vandaag was het dus even niet anders en sloeg ik mij er moedig doorheen. Goed op mijn buurt lettend om te voorkomen dat de een of ander zijn karretje brutaal in de rij wurmde. Bij de bakker was het ook opstellen in rijen van tien. Maar gelukkig was hij nog niet uitverkocht toen ik eindelijk aan de buurt was. Met mijn wagen volgeladen, reed ik terug naar huis. Ik liet de auto op de oprit staan en meteen werd de deur geopend door Casper. Hij was gekleed in een geruit overhemd met korte mouwen en korte spijkerbroek. Alle kledingstukken van mij.

"Zooo, heb je mijn klerenkast geplunderd?"

"Ja. De inhoud van mijn rugzak heb ik in de wasmand gedeponeerd en ik had dus niets meer om aan te trekken."

"Leuk vooruitzicht," grapte ik. Het leverde me een stomp op. Samen pakten we de auto leeg en zorgden ervoor dat alles opgeborgen werd. Hij had de koffie al klaarstaan en toen ik me op de bank liet neervallen, schonk hij het voor ons in.

"Was het druk?"

"Ja, gigantisch gewoon. Maar alle ondernemers in het dorp waren reuzeblij."

"Hoezo? Blij om jou weer te zien?"

"Nee, dat ik zoveel kocht."

"Huh?"

"Ja, jongen ik heb nog nooit zoveel tegelijk hoeven te kopen. Ze vroegen me allemaal of ik een kindertehuis ging inrichten." Hij begreep de grap en wierp me een vernietigende blik toe. Ik lachte hardop.

"Ik ben nog in de groei!" zei hij met een serieus gezicht.

"Nee hè! Ben je van plan om nog groter te worden?" Wederom moest ik lachen. We namen de eerste teugen van de koffie en ik complimenteerde hem. "Een lekker bakkie, jochie."

"Vincent?"

"Jaa."

"Vind je het goed dat we nu eerst praten of wil je het nog wat uitstellen?" Ik antwoordde hem dat we nu wel konden praten. "Okay, zal ik beginnen dan?" Ik knikte. "Gisteren was de allerrottigste dag die ik ooit heb doorgemaakt. Toen je wegreed moest ik gigantisch janken en ik heb het grootste gedeelte van de dag niet anders gedaan. Ik wilde niemand zien en met niemand praten totdat Julia aan het begin van de avond mijn tent binnenkwam ondanks het feit dat ik haar bruut wegstuurde. Ze begon tegen me aan te praten en langzaamaan begon ik te begrijpen dat ik gewoon niet zonder je kan. Ik wil gewoon bij je zijn. Maar … ik weet ook dat ik nog steeds niet zeggen kan dat ik van je houd. Ik vind je leuk, lief, aardig en al dat soort dingen meer. Maar 'houden van' is voor mij zoveel temeer. En dat stadium heb ik nog steeds niet bereikt, denk ik, ondanks het feit dat ik weet dat ik niet zonder je verder wil. Klinkt dit stom?" Ik wilde nog geen commentaar geven.

"Ga verder alsjeblieft."

"Okay. Ik wil bij je zijn Vincent en ontdekken wie je bent. Als je gewoon thuis bent. Als je boos bent. Als je met je klanten omgaat. Met je buren, met je vrienden. Ik wil je gewoon helemaal leren kennen. Dan denk ik pas dat ik een volledig beeld van je heb. En dat beeld hoeft niet perfect te zijn Vincent. Je moet gewoon je zelf zijn. Natuurlijk zul je soms stomvervelend zijn en sikkeneurig. Maar dat geeft allemaal niet. Dat hoort ook bij jou en ook dat wil ik kennen. En dan denk ik dat dat 'houden van' vanzelf wel komt. Daar geloof ik heilig in. 'Houden van' is voor mij niet ineens. Niet een bliksemschicht bij heldere hemel. Nee, het is een proces. Misschien voor jou niet en voor miljoenen anderen niet. Maar voor mij wel!" Hij leek uitgepraat en nam een slok van zijn koffie.

"En hoeveel tijd denk je daarvoor nodig te hebben?"

"Gut … dat weet ik dus niet hè! Dat is onmogelijk om te zeggen. Ik weet het gewoon niet."

"Ik weet niet of het zo werkt Casper maar ik wil je de tijd geven om aan mij te wennen. Om mij te leren kennen maar…"

"Ja, ik weet je voorbehoud en zal eerlijk zijn. Ik vind het vreselijk rot dat jij dat voorbehoud maakt. Het is je recht," zei hij met duidelijke gebaren erbij. "Maar toch vind ik het rot! Want ik zou ook graag willen weten hoe je bent als je met me vrijt. Als jij en ik besluiten om dat laatste stapje te zetten. Als we alles delen. Het 'ultieme delen' zoals jij dat eens zo mooi gezegd hebt, weet je nog?"

"Ja, ik weet het nog. Maar voor mij moet dat duidelijk zijn. Dat laatste stukje delen kan ik alleen maar met iemand als voor mij duidelijk is dat hij van mij houdt. Anders heb ik het gevoel dat 'onze relatie' gebaseerd zou kunnen zijn op alleen seks en puur lichamelijke aantrekkingskracht. En dat wil ik niet! Dat kan ik niet! Niet weer!"

"Ik begrijp het. Maar je moet me ook leren vertrouwen zonder dat ik gezegd heb dat ik van je hou. En dat is misschien ook iets dat bij jou nog ontbreekt. Sorry, dat ik het zeg maar zo voel ik het wel. Ik zie je niet als een seksobject. Niet als iemand om seks mee te hebben. Nee, ik zie je als een echte vriend en de seks is alleen maar een toegift. Geloof me!" Het was stil tussen ons beiden en de koffie werd koud. Hij was oprecht. Ik voelde het. Ik kreeg kippenvel.
"Ik ga voor jou en niet voor de seks Vincent. Ik wil van jou leren houden. Echt!" Ik was diep ontroerd en met een door tranen gesmoorde stem zei ik.

"Ik geloof je Casper en hoop echt dat je van mij kunt houden zoals ik van jou houd." Hij kwam naast me zitten op de bank en sloeg een arm om me heen. Ook hij huilde. Vrijelijk lieten we onze tranen lopen. Een erg ontroerend moment. Een tijdlang bleven we zo bij elkaar uitjanken. De gevoelens van onmacht die ik gehad had toen hij me gezegd had dat hij ruimte wilde en toen het uiteindelijk mis ging, kwamen allemaal naar buiten en vonden hun uitweg in de tranenvloed.

"Hoe stel je je zo'n kennismakingsperiode voor?"

"Ja, dat weet ik ook niet precies," zei hij terwijl hij met de rug van zijn hand de tranen uit zijn ogen veegde. "Niet als iets bijzonders eigenlijk. Ik wil je gewoon leren kennen zoals je bent. Zoals je hier bent. Wat ik al zei, met je patiënten, voor zover dat kan, met je vrienden en al dat soort dingen. Gewoon!" En hij lachte, waarschijnlijk omdat hij wel begreep dat ik het niet helemaal snapte.

"Okay, zullen we dan vanavond meteen maar afspreken bij mij allerbeste vrienden?"

"Dat is goed, als jij het wilt?"

"Ja, tuurlijk. Ik heb ze zeker al een maand niet gezien nu en het wordt wel weer eens tijd om bij te kletsen. By the way, het zijn twee vriendinnen hoor maar niets om jaloers op te worden het is een lesbisch stel." Casper lachte en ik ook vanwege zijn opgeluchte gezicht. Ik zoende hem op zijn mond en zei: "Ik houd van je Casper. Vreselijk veel en heb het idee dat het met elke seconde meer begint te worden."

"Ik voel het Vincent."

"Nee, joh, dat is mijn harde pik die je voelt," grapte ik.

"Oh ja, ben jij hard dan. Nu al?" en hij greep me in mijn kruis. "Ik voel anders niets bijzonders."

"Nee, idioot het was een grapje! Zeg en hoe zit het met een tweede bakje koffie." Ik leunde achterover en liet me bedienen. Na de koffie belde ik met Bertha en vroeg haar of het goed was dat ik die avond samen met een vriend langs zou komen. Ze was reuze benieuwd merkte ik maar ik was niet van plan veel van de sluier op te lichtten. Ze moest haar nieuwsgierigheid (belangstelling) in toom zien te houden tot die avond. Na het telefoontje zei ik Casper dat ik wat afspraken moest gaan maken. Hij stelde voor om het eten voor die middag klaar te maken en ik vroeg hem verbaasd of hij dat kon.

"Zeg, wat denk je! Of dacht je dat op de camping Julia alle dagen voor ons kookte!" Dat bleek dus niet zo te zijn. Op vakantie kookten ze om beurten. Mooi, dan kon ik dus rustig aan het werk. In mijn kantoortje liep ik mijn agenda door en bracht het een en ander op orde. Ik belde een paar nieuwe cliënten op en maakte een afspraak met hen. Wat we zouden gaan eten wist ik niet maar wel dat het erg lekker in huis begon te ruiken. Anderhalf uur later zat ik dan ook verheerlijkt aan tafel te wachten totdat de chef de cuisine het eten opdiende. "Voila, Chile Con Carne, zonder de carne dus," kondigde hij aan.

"Zeg hoe heb je dat voor elkaar gekregen?"

"Ja, ik heb me de vrijheid genomen om eens grondig rond te snuffelen in je keukenkastjes en vond daar allerlei rommel die een vegetariër 'vleesvervangers' noemt. Ik hoop dat het smaakt maar betwijfel het ten zeerste." Ik gaf hem een por en zei dat het wel wat mee zou vallen. Met een bedenkelijk gezicht nam hij een eerste hap en na langdurig gekauwd te hebben zei hij breed glimlachend: "Niet slecht!"

"Nee, helemaal niet joh. Het smaakt prima." De maaltijd verliep rustig we praatten wat heen en weer en Casper wilde alles weten over Bertha en haar vriendin Anouk. Ik vertelde hem dat ik Bertha had leren kennen in het ziekenhuis. Zij werkte daar als verpleegster. Het was in de tijd geweest dat ik me van Peter losmaakte. Ze waren mijn vriendinnen geworden en niet die van ons samen. Als ik hen bezocht had, was dat altijd in mijn eentje geweest. Ik had een bijzonder band met hen gekregen die niets of niemand zou kunnen ondermijnen. Na het eten werkte Casper me de keuken uit.

"Nee, laat mij de afwas maar doen. Ga jij maar andere belangrijkere dingen doen." Ondanks fel aandringen kreeg ik geen kans om hem te helpen. Ik had nog genoeg te doen op mijn kantoortje maar wilde hem niet alleen al het werk in het huishouden laten doen. Tenslotte had hij ook al gekookt! Maar ik verloor en liet me verslaan. Die middag zag ik weinig meer van Casper. Het werk slokte me op en toen hij me tegen halfvier een mok met thee bracht verontschuldigde ik me tegenover hem. "Verdorie man, is het al zo laat. Ik ben helemaal de tijd vergeten. Kijk, dat ben ik nu dus ook hè. Zodra ik eenmaal in mijn werk zit, vergeet ik de hele wereld om me heen."

"Prachtig toch. Dat je werk hebt dat je zo boeit en bezighoudt!"

"Ja, maar het kan ook verkeerd uitpakken. Zoals nu dus."

"Hoezo?"

"Ik heb de hele middag niet aan je gedacht man. Zo'n bijzonder leuke jongen in huis en ik laat je helemaal aan je lot over." Ik trok hem naar me toe en legde mijn hoofd tegen zijn buik en borst aan. Hij streelde door mijn haren.

"Zeur niet Vincent. Ik vind het helemaal niet erg om alleen te zijn. En zo krijg ik bovendien de kans om eens rustig je hele huis door te snuffelen. Je vindt het toch niet erg hè dat ik overal kom?"

"Wie van ons tweeën zeurt er nou! Jongen, als je mij wilt leren kennen moet je de vrijheid hebben om mijn domein te ontdekken en dan hoef je heus niet steeds te vragen 'Vincent mag ik dit' 'Vincent mag ik dat'. Nee jongen, doe alsof je thuis bent. Deze plek moet ook jouw thuis worden."

"Je bent een lieverd Vincent."

"Ja, dat weet ik."

"Maar soms ook erg vervelend." Hij kneep me in mijn wang en verliet het kantoor. Tegen vijven riep hij me dat het eten klaar was. Ik rekte me uit en slenterde naar de keuken. Het was best wel vermoeiend geweest om zo ineens weer met je werk te beginnen. Misschien had ik het ook wat overdreven en had ik sommige dingen best wel even kunnen opschuiven. Maar ja, dat ben ik ook. Een doordrammer, iemand die altijd maar door wil gaan en soms (vaak) te weinig tijd neemt voor zijn eigen rust. En dat ondanks al die meditatie van mij. Ik nam plaats aan een goed belegde tafel en we begonnen te eten.

"Je hebt een prachtig huis Vincent."

"Vind je?"

"Ja, anders had ik het niet gezegd. Nee, echt. Heel mooi. Lekker ruim, veel kamers en ook dat kleinste kamertje, niet de w.c., is heel mooi ingericht. Vooral dat beeld van de Boeddha is prachtig. Heb je dat ergens op de kop getikt?"

"Nee, een vriend van me heeft dat voor me gemaakt. Het is een dierbare herinnering aan hem geworden omdat hij een jaar nadien is overleden."

"Oh, dat spijt me."

"Het geeft niet. Maar het beeld doet me altijd aan hem herinneren. Het is echt een prachtwerk geworden."

"Ja, echt heel goed. Uit een stuk steen gebeiteld, echt heel knap."

"Ben je ook even gaan zitten?"

"Ja, hoe weet je dat!"

"Gewoon. De kamer lijkt daartoe iedereen uit te nodigen. Ik heb wel vaker logees gehad die ook altijd, als ze de kamer zien even moeten gaan zitten. Beviel het je wat?"

"Nee, niet echt. Ik heb geloof ik maar een paar minuten gezeten en ik heb nou nog pijn in mijn benen. Ik geloof niet dat ik daarvoor gebouwd ben. Chinezen en Japanners zijn ook allemaal veel kleiner."

"Gezeur man. Ik ben net zo groot als jij en kan het ook. Gewoon een kwestie van oefenen." Ik lachte naar hem en hij glimlachte terug.

"Nou, ik zal het nog wel eens proberen de komende dagen. Ik weet nou trouwens ook hoe het komt dat je nog geen seks met me wilt hebben."

"Oh, ja?"

"Ja, ik heb ook wat gesnuffeld in wat boekjes en daar onder andere wat gelezen van die Vietnamese monnik … ik ben zijn naam kwijt. En daar zag ik het staan."

"En wat vond je van die richtlijn?"

"Op zich wel goed. Als je je realiseert wat de gevolgen zijn van onverantwoord seksueel gedrag is het goed om voorzichtig er mee om te gaan. Hetzelfde geldt natuurlijk ook voor die andere vormen van lijden door hem genoemd."

"Dus kun je me nu beter begrijpen?"

"Nahh, nog niet helemaal maar wel een klein beetje. Zelf heb ik ook altijd al een beetje zo'n regel van hem gevolgd bemerkte ik. Dat met dat consumeren en het niet zullen gebruiken van alcohol en andere verdovende middelen. Toen ik dat zo zwart op wit zag staan, wist ik dat dat de reden voor mij was. Ik wil er altijd bij zijn, bij wat ik doe. Ik ben verantwoordelijk voor mijn daden en moet dus gewoon weten wat ik doe. Alcoholmisbruik brengt zoveel ellende met zich mee!"

"Ja, ik heb genoeg patiënten in mijn praktijk die daaronder te lijden hebben en gehad hebben."

"Dat kan ik me voorstellen. En weet je wat ik ook gezien heb?"

"Nou, vertel het eens." Hij wachtte langdurig voor hij verder ging en keek me lachend aan. "Toe maak me niet zo nieuwsgierig, vertel!"

"Een pracht van een jongen."

"Waar, waar?" En ik liet mijn ogen door de keuken heen en weer gaan.

"Buiten in de tuin bij de buren."

"Oh!" Ik wist wie hij bedoelde en voelde me meteen niet meer op mijn gemak.

"Wat is er? Heb ik iets verkeerds gezegd?" Ik bleef stil en durfde hem amper aan te kijken. "Kom op Vincent, vertel het me. Wat is er. Wees eerlijk tegenover mij alsjeblieft."

"Hij was degene met wie ik Peter in bed aantrof die laatste keer. En het was heus niet zijn schuld, Peter heeft hem verleid. Ik weet het."

"Ben je bang dat je me aan hem kwijt zult raken? Is dat het?"

"Ja, een beetje wel. Hij is iemand die altijd zijn pik achterna loopt. Ik weet het uit eigen ervaring omdat hij op een gegeven ogenblik ook in mijn bed is beland."

"Als wraak op Peter?"

"Ja, ik denk het wel. Ik voelde niets voor de jongen en doe dat nog steeds niet. Het was echt puur wraak denk ik. Maar alsjeblieft kijk uit voor hem. Hij neemt het niet zo nauw en ik zou niet willen dat je in zijn handen komt en je aan hem verliest."

"Okay, ik zal uitkijken. Wees maar niet bang. Ik ben er alleen voor jou." En hij drukte me een kus op mijn voorhoofd. We aten ons eten op en lieten de afwas staan omdat ik niet te laat wilde komen bij Bertha en Anouk. Ze hebben namelijk twee kindjes en ik ben gewoon gek op die twee en wilde dus niet het risico lopen dat ze al in bed zouden liggen. "Zeg hoe laat wil je weg want eigenlijk wil ik me nog even douchen," zei Casper.

"Ik wil om halfzeven weg als het je lukt en eigenlijk wil ik ook nog douchen!"

"Samen dan maar?"

"Als je me belooft dat het samen sneller gaat wel!"

"Ja hoor, ik zal mijn handen thuishouden." Lachend liepen we de trap op. Ach en hoe goed de voornemens ook waren het lukte niet. Onder de stralen van het water kon ik het gewoon niet laten om hem stevig te omarmen en tegen me aan te drukken. Het voelde zo goed. En ook Casper genoot. Ik hoorde hem kreunen toen ik mijn handen over zijn rug en billen liet glijden. Minutenlang stonden we daar van elkaar te genieten. "Zeg, zo komen we vast te laat!"

"Huh?"

"Ik zeg dat we te laat zullen komen. Waar ben je met je gedachten!"

"Bij jou natuurlijk jongen. Waar zou ik anders kunnen zijn met zo'n lekker stuk in mijn armen." Ik drukte hem nog steviger tegen me aan. "Je hebt gelijk. Opschieten nu en vooral niet aan elkaar zitten." Zonder elkaar nog aan te raken, vervolgden we toen onze bezigheden en iets na half zeven, verlieten we mijn huis. Bertha en Anouk woonden aan de andere kant van het dorp maar omdat het prachtig weer was gingen we lopend. Twintig minuten later stonden we bij hen op de stoep.

"Hé hallo, leuk dat jullie er zo vroeg zijn. Marije en Tineke zijn nog op."

"Ja, waarom denk je dat ik zo vroeg ben," zei ik.

"En jij moet Casper zijn," zei Bertha terwijl ze de jongen een stevige handdruk gaf. Casper knikte en moest hevig blozen toen Bertha hem op beide wangen kuste. "Ja, sorry hoor maar zo ben ik nou eenmaal. Een vriend van Vincent is een vriend van mij en vrienden kussen elkaar nou eenmaal."

"Ja, sorry, het geeft ook niets. Let maar niet op mij. Het is allemaal nog een beetje vreemd voor mij," verontschuldigde hij zich. In de kamer herhaalde zich hetzelfde tafereel nog eens met Anouk. Het zijn nou eenmaal twee gigantisch joviale dames en prachtige vrienden. De kleintjes waren nog op en terwijl Casper op de bank plaatsnam en zich liet onderwerpen aan een 'kruisverhoor' speelde ik met hen in de poppenhoek. Ik genoot en verloor alle gevoel van tijd zoals altijd als ik met die twee ukken, beiden 2 jaar, bezig ben. Wreed werden we dan ook in ons spel gestoord toen Anouk aankondigde dat het bedtijd was. Natuurlijk moest ik die avond, zoals altijd als ik op bezoek kwam, een verhaaltje voorlezen en Casper ging met me mee. Toen we na de nodige kusjes eindelijk samen naar beneden konden gaan zei hij: "Zeg, ik heb nooit gevonden dat jij zo goed met kinderen om kan gaan?"

"Ja, toch maar goed dat je me achterna gekomen bent dus."

"Ja, zie ik ineens een heel andere Vincent!" Hij stompte me in mijn zij en zo liepen we de kamer in. De avond was gezellig. We praatten met elkaar over onze vakanties en over allerlei andere dingen. Liefde, verbondenheid ook dat soort zaken gingen over tafel. En toen de klok twaalf uur sloeg zei ik dat we naar huis moesten gaan. We namen afscheid en ditmaal bemerkte ik dat Casper niet bloosde onder de zoenen van de dames.

"En Vincent, je weet van ons aanbod hè. Waag het niet het te vergeten!" Zo verlieten we hun huis en liepen de donkere nacht in.

Zondag 5 augustus:
In het dorp was het rustig en ook de eerste minuten van onze wandeling terug naar huis waren wij stil. Bij de kerk ging Casper op het bankje zitten en kloppend op de plek naast hem nodigde hij me uit ook plaats te nemen.

"Zeg lieve jongen," begon hij, "mag ik je een vraag stellen."

"Ja, dat mag je als je me voor eens en altijd beloofd om niet steeds alles te gaan vragen." Hij lachte.

"Ben jij de vader van Marije en Tineke?" Ik keek hem verbaasd aan.

"Nee, ik ben niet de vader."

"Kom Vincent, hou een ander voor de gek."

"Een vader is iemand die voor zijn kinderen zorgt en de verantwoordelijkheid voor ze heeft. En dat doe ik dus niet."

"Okay, jij je zin! Ben jij de verwekker dan?"

"Ja, dat klopt. Heb je het geraden?"

"Nee, man je zegt wel dat je niet de vader bent maar toen ik jou zo met hen bezig zag, droop de vaderlijkheid er gewoon vanaf man. Zo overduidelijk!"

"Vind je het erg?"

"Erg. Nee natuurlijk niet. Het is jouw keuze destijds geweest en die kan ik alleen maar respecteren."

"Dank je. Bertha en Anouk…"

"Nee, je hoeft het niet uit te leggen."

"Ik wil het graag uitleggen. Okay?"

"Goed."

"Bertha en Anouk waren dus mijn vrienden geworden. Niet de vrienden van Peter en mij maar alleen mijn vrienden. Het was in de tijd dat ik me meer en meer van Peter begon los te maken en zo begon ik dus ook mijn eigen vrienden te krijgen. Bertha zag ik ook dagelijks op het werk en we kregen een ontzettend goede band met elkaar. Op een avond toen ik bij hen at, vroeg ze mij of ik het zou willen overwegen om de vader van hun kinderen te willen worden. Ze wilden beiden graag een kind maar wilden het niet kunstmatig doen. Ze wilden wel graag zelf ook weten wie de vader was. Ik voelde me reuze vereerd en zo is het er dus van gekomen."

"Dus je hebt het ooit wel met een vrouw gedaan?"

"Ja, maar het ging niet om de seks. Het was puur om een kind te verwekken. Voor mij dus ook geen pleziertje alhoewel…" Casper drukt een kus op mijn lippen.

"En dat vind ik zo prachtig aan jou Vincent. Je bent zo vreselijk betrokken bij de mensen om je heen dat je zelfs zoiets voor hen doet. Echt geweldig man." Ik werd een beetje verlegen. "En wat bedoelde Bertha met die onduidelijke opmerking toen we weggingen?"

"Ahum, wil je dat echt weten?"

"Ja natuurlijk!" Ik slaakte een diepe zucht, haalde diep adem en ging verder.

"Na die avond dat ik speelde voor de 'verwekker des levens' hebben beide dames mij beloofd dat als ik ooit kinderen zou willen ze bereid waren tot de tegendienst."

"Wow, verdorie man. Dat is niet mis!"

"Nee, zeker niet. Dus Casper als die kinderwens bij jou er is en blijft, dan kan daarvoor gezorgd worden."

"Gut man, ik weet gewoon niet wat ik zeggen moet." En inderdaad zeer lange tijd bleef het helemaal stil tussen ons. Hij legde zijn hoofd tegen mijn schouder aan en ik sloeg mijn arm om hem heen. Ineens hoorde ik hem lachen.

"Waar lach je om?" wilde ik weten.

"Ga je vanavond alle obstakels tussen ons wegnemen?"

"Hoe bedoel je?"

"Nou ja, een obstakel hebben we al genomen. Ga je nu hier met mij vrijen?"

"Zeg jochie, dit is een respectabel dorpje hoor en ik zou het zeker niet in mijn hoofd halen om hier op het bankje, bij de kerk nota bene, seks met jou te hebben."

"Nee, je wil nog helemaal geen seks met me!" Onze aanhankelijkheid die zo-even nog zo groot was geweest, leek iets te verkillen. Na een nieuwe periode van stilzwijgen stond Casper op. "Kom, laten we naar huis gaan." Ik pakte zijn hand beet en zo liepen we naar huis terug. Thuis gekomen liepen we meteen door naar boven. Het was tandenpoetsen en het bed in. Al snel waren we in dromenland.

Die zondagochtend sliepen we lang uit. Dit keer was Casper het eerste wakker en ik toen ik mijn ogen opsloeg, keek ik in zijn lachende gezicht. "Goedemorgen stuk," begroette hij me.

"Hallo schoonheid," mompelde ik nog half slaapdronken terug. Hij legde zijn arm op mijn schouder en begon me zachtjes te strelen. We schoven dichter naar elkaar toe en legden onze warme lichaam dicht tegen elkaar aan. Een heerlijk gevoel doorstraalde mijn lijf. Mijn ochtenderectie drukte tegen zijn dijbeen en hij slaakte een kreetje.

"Oei, dat voelt lekker!"

"Vind je?" Ik greep tussen zijn benen en begon zijn spul lekker te masseren. Al snel begon het te groeien en werd zijn stang even hard als die van mij. "Dit voelt ook goed zeg!" Hij glimlachte en drukte een kus op mijn lippen. We begonnen onze lichamen ritmisch tegen elkaar aan te bewegen en al snel kreunden en steunden we flink. "Oh, shit," riep ik, "laten we stoppen alsjeblieft!"

"Waarom?" Vragend keek ik hem aan. "Ach ja, ik weet het ook wel. Maar…"

Ik stapte uit bed, trok mijn ochtendjas aan en vroeg hem of hij mee ging ontbijten. Met een gezicht waarop de spijt duidelijk te lezen viel, stemde hij toe. We aten en bespraken de plannen voor de rest van de dag. Na het verlate ontbijt, douchten we (afzonderlijk) en trok ik mijn wielrentenue aan. Ook voor hem had ik er een klaar gelegd. Terwijl hij de ontbijtboel afwaste, ging ik naar de buren (de fietsenmaker) toe om een racefiets te lenen. Met de fiets aan de hand was ik binnen een kwartier weer terug met de buurman. Die wilde perse meekomen om er voor te zorgen dat de fiets goed afgesteld werd op zijn berijder. Casper nam plaats en de buurman deed zijn werk waarna wij vertrokken. We reden rustig en maakten er absoluut geen wedstrijd van. Het weer was goed geweest toen wij vertrokken maar langzamerhand trok de lucht dicht en begon ik te vrezen voor regen. En ja, tegen een uur of drie begon het gigantisch te plenzen. We werden drijfnat en moesten zeker nog zo'n dertig kilometer terug naar huis. Verkleumd kwamen we dan ook thuis aan. Het was de hele tijd blijven regenen. Terwijl Casper thee zette, liet ik het bad vollopen. Met de geurige thee in twee koppen kwam hij even later naar boven gelopen. We kleedden ons uit en stapten in het heerlijk warme water. Casper kwam voor me zitten en ik begon hem zachtjes te strelen. Mijn handen gleden over zijn borst en bewerkten zijn tepels. Hij kreunde en legde zijn hoofd achterover tegen mijn schouder aan. Mijn handen gingen lager en onder het water betastte ik zijn mannelijkheid. Het ding was fors en de balzak strakgespannen om zijn grote ballen. Wow, wat zou ik graag met hem willen vrijen, wat zou ik graag hem in mijn armen meenemen naar mijn bed om hem te laten merken dat mannen inderdaad wel voor elkaar geschapen zijn. Door mijn vurige gedachten kreeg ik zelf ook een gigantische erectie.

"Je voelt erg lekker tegen mijn rug aan Vincent."

"Ja vind je?" Hij kreunde toen ik in zijn ballen kneep. "Jij voelt ook heel lekker jongen."

"Ja, hè?"

"Ja!"

"Zou je nou niet graag met mij willen vrijen, echt vrijen?" Daar verwoordde hij mijn gedachten van zo-even. Ik haalde mijn schouders op.

"Ik kan wel wachten," antwoordde ik.

"Maar ik doe je toch wel wat?"

"Ja natuurlijk wel, waar denk je anders dat die stijve vandaan komt!" Hij lachte en streelde met mijn hand over zijn wang.

"Ik hoop dat ik ook kan wachten." Ik keek hem vragend aan. "Ach, laat ook maar." Tevreden kroop hij weer tegen me aan. Tijden bleven we in het bad zitten af en toe wat warm water bijtankend. "Hé ik krijg honger, jij ook?" Ja, ik lustte ook best wat. We stapten uit bad en droogden ons af waarna we onze badjassen aantrokken. Wederom bereidde Casper het eten. Ik hoefde alleen maar de tafel te dekken en aan te schuiven. Het smaakte goed. "Moet je morgen weer werken?" vroeg Casper tijdens het eten.

"Ja, morgen komen mijn eerste klanten weer."

"Hoeveel heb je er per dag?"

"Normaal acht per dag. Maar op dinsdag en donderdag altijd zes. Dan hou ik tegen drie uur op en ga ik naar de sportschool om aan mijn uiterlijk te werken."

"Ja, heb je ook wel nodig," grapte Casper.

"Nee, dat heb ik niet maar ik moet het wel bijhouden natuurlijk. Ga je trouwens op die dagen met me mee?" Casper vond dat wel een goed idee.

"Hoelang duurt nou een sessie bij jou?" Ik vertelde hem over mijn schema van maximaal 40 minuten voor een gesprek en dan 20 minuten om mijn aantekeningen bij te werken en me voor te bereiden op de nieuwe afspraak. "Best wel intensief eigenlijk dus!"

"Ja, dat kun je wel stellen. Maar het is een vreselijk mooi beroep."

"Ja, dat zegt mijn vader ook altijd."

"Wat, is jouw vader ook psycholoog dan?" Ik speelde de onwetendheid zelve.

"Nou ja, hij heeft geen eigen praktijk zoals jij maar onderwijst het op de universiteit."

"Is hij dan dè professor Van Egmond." Casper knikte.

"Ja, ik heb een paar van zijn boeken in je boekenkast zien staan. Ben je een bewonderaar van hem dan zorg ik voor een handtekening!"

"Hij weet dingen wijs te zeggen, laten we het daarop houden. Ik ben niet iemand die zomaar achter anderen aanloopt."

"Behalve dan achter die Vietnamees," merkte hij op.

"Nee, daar ben ik ook niet zomaar achter aangelopen. Eerst kon ik helemaal niets met zijn zienswijze maar toen ik langzamerhand de waarde ervan ontdekte, begon het voor mij te leven. Maar ik blijf kritisch!" We aten ijs toe en deden daarna gezamenlijk de afwas. Op de t.v. was niets bijzonders en daarom lagen we die avond al voor elf uur in bed. Dicht bij elkaar gaven we ons over aan het spel van onze handen. We betastten elk deel van de anders lichaam en gingen daarbij heel ver. Maar niet zover dat we de controle verloren. Het was een heerlijk tijdverdrijf. Moe en voldaan vielen we uiteindelijk in slaap.

Maandag 6 augustus 2001:
Die ochtend liep het alarm in mijn horloge om 06.00 uur af. Mijn vaste tijd om op te staan. Casper schrok van het gebliep, keek met grote ogen om zich heen en vroeg wat er aan de hand was.

"Niets jongen, ga maar lekker weer slapen." Hij draaide zich om en tukte weer in. Ik douchte me en daarna ging ik naar mijn meditatiekamertje. Daar las ik eerst een stukje om vervolgens 25 minuten te mediteren. De geur van de heerlijk ruikende wierook drong mijn neusgaten binnen en deed zijn deel van het werk om mij gedurende die tijd aandachtig te houden. Het zat lekker en voordat ik het wist was de tijd om. Toen ik om halfacht klaar was met mijn ontbijt kwam Casper met zijn donkere, verwarde haardos net uit bed.

"Goedemorgen," groette hij me nog half slaperig en hij drukte een kus op mijn lippen. Ik sloeg mijn armen om hem heen en drukte hem lekker tegen me aan.

"Goedemorgen lieveling. Wat zie je er nog heerlijk slaperig uit zeg." Hij gromde wat.

"Wat kan ik vandaag voor je gaan doen."

"Nou, ten eerste zou je de telefoontjes voor me kunnen aannemen." Ik ging hem voor naar het kantoortje en startte de computer op. Liet hem zien hoe mijn elektronische agenda werkte en hoopte van ganser harte dat hij het allemaal zou begrijpen zonder de hele boel door de war te gooien. Maar ondanks zijn slaperige uiterlijk, was hij scherp genoeg om een paar kritische vragen te stellen. "Daarna wil ik graag om 10.40 uur een bak koffie en om 12.00 uur het middageten. Ik stel voor om dan brood te eten. Vanavond hebben we dan ruim de tijd om een warme maaltijd klaar te maken. Als je nog boodschappen moet halen, daar (en ik wees naar het bergmeubel) ligt mijn portemonnee met voldoende geld erin. Je gaat je gang maar zou ik zo zeggen." Tien minuten later zat ik met mijn eerste cliënt in mijn behandelkamer en was ik me niet meer bewust van de aanwezigheid van die mooie jongen in mijn leven. Ook dat ben. Ik ga voor hetgeen ik doe en vergeet daarbij alles.

Toen mijn eerste afspraak voorbij was, werd er op de deur van mijn spreekkamer geklopt. "Ja, kom maar binnen Casper."

"Sorry, dat ik je stoor hoor maar zou ik ook met die mooie tuin van je aan de gang mogen gaan. Ik neem de portable handset van de telefoon wel mee de tuin in."

"Ja, dat is prima joh. Ga je gang!"

"Wil je me nog even zeggen welke buren nou die zijn van de fiets, voordat ik door een op seksbeluste jonge schoonheid overvallen wordt!" Ik wees hem vanuit mijn kamer het huis aan.

"Daar kun je veilig aankloppen. Vraag de buurvrouw maar om het nodige tuingereedschap. Ik heb niet zoveel maar ze zal je graag alles lenen. Maar, ik waarschuw je. Het is een lieve vrouw maar ze praat wel erg veel." Lachend verliet hij me en ik haalde mijn tweede opdracht van die dag uit de wachtkamer.

Toen ik nog diep in gesprek was met mijn derde patiënt, rook ik de heerlijke geur van koffie al. Wel cafeïnevrij maar de geur is even goed, de smaak trouwens ook hoor. Ik liet haar uit en ging meteen door naar de keuken. Casper zat al aan de tafel achter een dampende mok van het zwarte spul. Hij stond op en schonk ook voor mij in. "En heb je nog wat kunnen werken in de tuin."

"Nee, niet echt. Ik heb jouw advies ter harte genomen en daarom voor dat ik naar de buurvrouw ging een lijstje gemaakt van alles wat ik nodig had. Ik heb alles, inclusief een kruiwagen van haar losgekregen maar verder dan dat ben ik niet echt gekomen." Ik lachte. "Maar wel een prachtmens trouwens hoor. Echt!" Ik zag dat hij het meende en kon me bij die conclusie geheel aansluiten. Mijn buurvrouw is er een uit duizenden. Al snel was de koffiepauze om en ging ik op voor klant numero vier, de laatste van die ochtend. Een uurtje later zaten we samen aan de tafel voor het middageten. Caper had zo te zien nu al wel wat kunnen werken want zijn gezicht, armen, benen en T-shirt zaten onder de zwarte vegen.

"Zeg, het staat je wel prachtig hoor. Kan ik eindelijk eens zien dat je ook hard kunt werken."

"Ja, lach jij maar! Jij hebt al die jaren geen klap uitgevoerd in je tuin man. Het onkruid van zeker twee jaar staat er nog." En daarin had hij helemaal gelijk. We waren er destijds in maart komen wonen en twee maanden later had ik Peter op straat gezet.

"Je hebt helemaal gelijk. Ik ben niet zo'n tuinier. Peter wilde perse een tuin ik niet."

"Oh."

"Maar ik ben blij dat jij er nu bent dan kun jij je ook nuttig maken de komende tijd." Meteen reageerde hij en ontving ik een klap tegen mijn schouder. "Is toch zo?"

"Ik maak me hartstikke nuttig hier. Zelfs voor jou. Want ik heb wel vier telefoontjes gehad. Ze staan al in je agenda vermeld dus kan jij je straks ook weer nuttig maken." We aten af en terwijl hij weer naar de tuin ging, begon ik te bellen. Mijn eerste klant van die middag liet op zich wachten. Doelloos slenterde ik wat heen en weer door mijn praktijkruimte. Ik zag Casper staan en bleef naar hem kijken. Wow, hij stond er dan ook schitterend bij. Ontbloot bovenlijf, strakke korte broek en laarzen. Het moest of warm zijn buiten of hij spande zich in. Een combinatie kon natuurlijk ook want zijn huid glansde van het zweet. Toen hij zich vooroverboog om een plant uit de grond te trekken, kreeg ik het behoorlijk warm. Wow, wat een lekkere billen. Mijn klant wekte me uit mijn stoute dromen door stevig op de deur te kloppen. Snel zorgde ik ervoor er weer enigszins normaal (zonder rood hoofd dus) uit te zien en ik opende de deur.

De thee haalde ik zelf die middag en ik bracht mijn knappe tuinman ook een beker. Op twee omgekeerde emmers dronken we het op. Het was inderdaad mooi weer en ik vond het jammer dat ik de hele dag binnen moest zitten. Ik nam me voor om tussen mijn patiënten door steeds even te gaan kijken hoe Casper vorderde. Had ik ook mooi de gelegenheid om hem wat van dichterbij gade te slaan. De volgende pauze bewonderde ik opnieuw zijn prachtige lijf. De spanning in de spieren van zijn benen en armen bezorgde me een erectie en echt ik was vreselijk geil aan het worden. Het werk riep echter en gelukkig was het de laatste voor die dag. Na die laatste sessie ruimde ik mijn spullen op, schoot in wat zomerse kledij en keek in de keuken wat we zouden kunnen gaan eten. Er was weinig voorraad en daarom reed ik snel even op mijn fiets naar de supermarkt. Met een bloemkool en nog wat andere dingen was ik binnen het half uur weer terug. Toen begon ik met het klaarmaken van het avondeten. Casper was nog steeds druk bezig en af en toe wierp ik door het raam een blik op hem. Die zal straks wel een vreselijke honger hebben, dacht ik en ik schilde voor de zekerheid nog maar een paar extra aardappelen. En inderdaad toen we tegen zessen aan tafel zaten bleek het dat ik gelijk had. Caspers honger was bijna niet te stillen. Nou eet hij je normaal al de oren van het hoofd maar bij extra lichamelijke inspanning is zijn eetlust helemaal onvoorstelbaar. Met groeiende verbazing, ik was immers allang klaar met eten, bleef ik naar hem kijken. Toen hij eindelijk de laatste happen naar binnen gewerkt had en een diepe zucht slaakte keek ik hem glimlachend aan. "Ongelofelijk zeg. Voor al dat geld dat jij hier op zit te eten had ik al bijna een professionele tuinman kunnen laten komen!"

"Haha, niet leuk hoor. Wacht jij maar eens af straks. Als het klaar is weet je niet wat je ziet. Het gaat je wel het een en ander kosten maar dat moet je er maar voor over hebben. By the way, morgen zul je eerst met mij naar een tuincentrum hier in de buurt moeten dus die sportschool kun je wel vergeten."

"Okay, je zegt het maar generaal," zei ik lachend. "En ga nu maar eerst eens douchen want je stinkt een uur in de wind."

"En ik dacht dat jij zweet, en zeker het mijne, zo lekker vond?"

"Ja, zweet wel maar niet als het is vermengd met allerlei viezigheid uit de tuin. Schiet op onder de douche jij!" Gedwee liep hij naar boven waar ik hem even later luidkeels hoorde zingen, nou ja zingen. Even voor ik klaar was met de afwas was hij weer beneden en hielp me nog met het afdrogen. Meteen daarna zeulde hij me mee naar de tuin en liet me zien wat hij allemaal gedaan had. Ook de berg onkruid vooraan bij de oprit liet hij me zien en echt het was een berg.

"De buurvrouw heeft gezegd dat haar man die morgen wel zal wegbrengen voor ons." En zo pratend liepen we terug naar de tuin aan de achterkant van het huis.

"Ja, buurman," hoorde ik ineens, "je hebt een prima tuinman in dienst genomen." Het waren de buurman en -vrouw die over de heg heen het resultaat van Caspers sloopwerkzaamheden stonden te bekijken. Want meer zag ik er echt nog niet in. De tuin was nu een kale vlakte geworden. Gevieren bleven we een tijdlang staan praten en de buurman raadde me aan om naar het tuincentrum van Boersma te gaan. Daar zouden ze prima spullen hebben en, "niet al te duur" voegde hij eraan toe. De telefoon bij de buren ging en de buurvrouw haastte zich naar binnen. Even later riep ze haar man, het was voor hem. Toen ook wij naar binnen wilden gaan werden we opeens aangesproken vanaf de andere kant van de tuin. Het was Pim, dangerous Pim.

"Hij heeft niet alleen pracht werk gedaan maar is ook nog eens een pracht tuinman Vincent, waar heb je die op de kop getikt?" Ik voelde dat Casper begon te blozen. "En hij is nog bescheiden ook nog!" ging Pim door.

"Pim, dit is Casper. Casper dit is Pim waar ik je al zo veel over verteld heb," zemelde ik. De jongens schudden elkaar de hand en ik zag hoe Pim Casper met zijn ogen uitkleedde. We moesten inderdaad uitkijken met hem. Het praatje dat we maakten verliep echter gemoedelijk pas op het eind werd het weer riskant.

"Nou als je je ooit verveeld Casper dan heb ik wel leukere plekjes die ontgonnen mogen worden." En met die opmerking liep hij van ons weg. Casper keek mij aan en glimlachte breed naar me. Snel maakten we dat we in huis kwamen en daar schaterden we het uit.

"Gadverdamme, wat een vreselijk figuur zeg!" begon Casper. "Niet normaal toch. Die blikken die hij op me wierp, bah!"

"En dat broekje dan dat hij aanhad! Zeker 2 maten te klein en geloof me dat heeft hij expres zo gekocht." We lachten nog een tijdje om onze bijzondere buurjongen en toen zette ik de koffie. Samen bekeken we het acht uur journaal en lieten het wereldnieuws over ons heen komen. We zaten naast elkaar op de bank en Casper legde zijn arm over mijn schouders en ik liet mijn arm om zijn middel glijden. Gezellig dicht bij elkaar. "Ben je moe," vroeg ik hem toen het journaal was afgelopen.

"Valt wel mee, hoezo?"

"Nee, gewoon belangstelling. Kon toch zijn na al die inspanning van vandaag?"

"Nee joh, ben nog lang niet moe. Klein beetje spierpijn maar dat is dan ook alles."

"Weet je dat je er heel goed uitziet jongen!"

"Ja, vind je?"

"Het spijt me dat ik het moet zeggen maar toen ik je zo zag in de tuin in je korte broek en stevig aan het werk werd ik best heet."

"Gadver, Vincent en dan beklaag jij je over je buurjongen!" Meteen begon hij echter te lachen en trok hij me dicht tegen zich aan. Gelukkig het was een grapje dus. Hij drukte zijn lippen op de mijne en we begonnen aan een heerlijk lange, lome tongzoen. Het vuur was er meteen weer en ik liet het lang in me smeulen. Toen we hem eindelijk verbraken werd hij ernstig. "Maar eerst nog wat werk Vincent, heb je een potlood en wat papier voor me?" Ik haalde het gevraagde en hij begon een schets te maken. Al snel had ik door wat de bedoeling was.

"Zeg, ik dacht dat het jouw bedoeling was om mij te leren kennen dezer dagen maar het lijkt er veel meer op dat ik jou ga leren kennen. Je beschikt over ongekende talenten man. Waar heb je dat geleerd allemaal?"

"Niet overdrijven Vincent, het is een hobby meer niet."

"Nou ja, noem het maar een hobby maar het is niets om laatdunkend over te doen." Ik keek over zijn schouder mee naar de tekening die steeds meer op een echte tuin begon te lijken. Vaardig zette hij de lijnen uit en maakte hij er een mooi geheel van. Bewonderend keek ik toe. Hij kon ook nog eens prachtig tekenen. Bij mij zou een boom een kruisje worden maar hij maakte er echt een boom van.

"Zo, hoe lijkt je dit. Het kan straks natuurlijk anders zijn in de werkelijkheid maar zo heb ik het ongeveer in mijn hoofd."

"Ja hoor, ik zal je er heus niet op afrekenen als die heester daar straks 10 centimeter verder naar rechts staat." Ik glimlachte naar hem en keek toen weer naar de tekening. Ik vroeg hem wat uitleg bij sommige dingen en hij lichtte het toe. "Zeg maar, heb je ook gedacht aan een plaats voor mijn droogmolen?" Een praktische vraag van een praktische huisman.

"Ohh, vergeten, foutje." Even dacht hij na en begon toen met een gummetje dat ik voor hem gehaald had het een en ander te wijzigen. Hij tekende een keurig rond plateautje met daarop de droogmolen. Ik in mijn sas. "Zo goed?"

"Keurig Casper. Het ziet er perfect uit. En morgen moet ik dus met je shoppen gaan?"

"Ja of je moet willen dat ik de buurvrouw vraag?"

"Nee, natuurlijk niet joh. Ik ga met je mee morgenmiddag. Die sportschool kan ik wel een keertje overslaan." Hij keek me glimlachend aan. "Toch?" vroeg ik met duidelijke verbazing in mijn stem.

"Nou laat die overweging maar aan mij over. Ik zal het wel even keuren." Hij stond van de bank op en reikte mij zijn hand. Ik nam hem aan en hij trok me overeind. Hand in hand liepen we naar mijn slaapkamer toe. Beiden gingen we op onze rug op het bed liggen maar al snel draaiden we naar elkaar toe. We zoenden elkaar hartstochtelijk en de vlam die eeuwig leek op te laaien zodra onze tongen elkaar vonden, zette ons ook dit keer in vuur en vlam. Al snel zat Casper schrijlings op me. Hij begon mijn overhemd los te knopen en streelde met zijn handen over mijn borst. Ik kreunde want ik vond het heerlijk. Speels kneep en trok hij aan mijn tepeltjes. Daarna zette hij zijn lippen erop en bewerkte hij ze met zijn tong. Ik vond het hartstikke geil en in mijn broek stond mijn pik al keihard. Zijn tong en handen gleden verder naar beneden. Via mijn buik naar mijn navel en vandaar nog verder naar de rand van mijn korte broek. Hij maakte de knoop los en trok de rits naar beneden. Met zijn lippen bevoelde hij de contouren van mijn stijve lid door de stof van mijn slip heen. Wow, wat een heerlijk gevoel. Hij werkte mijn korte broek helemaal naar beneden en gooide hem door de kamer heen. "Nummer één," riep hij luid.

"Volgt er nog meer?"

"Niet zo haastig jongetje, rustig aan." Maar er volgde meer. Ook mijn sokken deed hij uit waarna hij met zijn tong een nat spoor trok van mijn hiel, over mijn kuit, tot aan mijn knieholte. Eerst het ene en toen het andere been. Ik vond het vreselijk sexy en raakte compleet buiten zinnen. Mijn slip werd nat van het eerste zaad dat ik lekte. Af en toe keek hij mij glimlachend aan en ging dan weer verder met zijn werk. Vanaf mijn knie ging hij verder strelend en likkend naar de rand van mijn slip. Ik hield het haast niet meer, zo geweldig lekker was het. Met een ruk trok hij mijn onderbroek naar beneden en werkte ook deze geheel weg. Hij drukte een zoen op de top van mijn lul en ik ging zowat door de grond van genot. Heerlijk wat een gevoel. En ik wist dat het nog veel beter zou kunnen worden maar dit was al zo verrekte goed. Hij gleed met zijn tong van het topje van mijn paal naar onderen. Via mijn ballen maar het begin van mijn spleetje. Ik kreunde en bromde diep.

"Oh, lekker Casper!"

"Ja, vind je dit lekker?" En hij herhaalde de beweging maar dan in omgekeerde volgorde. Diep gekreun van mijn zijde overtuigde hem. "Zal ik je proberen te pijpen?"

"Nee!" Meteen rinkelden alle alarmbellen bij mij. Nee, zover wilde ik niet gaan. Het moest hierbij blijven. Niet voordat …"Nee, lieve jongen, laten we maar niet verder gaan. Ik vind dit al zo goed." Het was echter duidelijk dat hij, ondanks mijn pogingen tactisch te blijven, teleurgesteld was. Hij kapte het spel af en zei dan hij zijn tanden ging poetsen. 'Shit' vloekte ik binnensmond toen hij weg was. Ik bleef een tijdje liggen en ging toen ook naar de badkamer. Hij was net zijn mond aan het spoelen en zo wisselden we van plaats bij de wasbak. Toen ik terugkwam in bed lag hij een stripboekje te lezen. Waarschijnlijk had hij het ergens gevonden. Ik vleide me tegen hem aan maar kreeg geen respons. "Zal ik het licht uitdoen?"

"Nee, laat me nog maar even lezen."

"Ben je boos op me?" Het bleef stil. Zijn bekende stilte om na te denken.

"Ja! Ik ben boos op je!"

"Maar je weet toch …"

"Natuurlijk weet ik dat wel maar … verdomme, we waren net zo lekker bezig man. Ik had een paal van hier tot Tokio en dan in een keer 'nee' te moeten horen is verdomde vervelend."

"Ik begrijp het," zei ik terwijl ik hem over zijn borst streelde.

"Laat maar Vincent, laten we maar gaan slapen." Hij smeet het boekje naast bed, knipte het licht uit en draaide zich van me af. Echte stilte. Doodse stilte. Angstige stilte. Geen stilte waarin we aan het nadenken waren maar stilte die leek op het moment toen ik in mijn auto stapte en van hem wegreed.

"Kunnen we er echt niet over praten," probeerde ik.

"Ik denk niet dat het verstandig is. Praten heeft weinig zin denk ik. Dus laten we alsjeblieft gaan slapen. Morgen zal mijn boze bui wel weer geluwd zijn. Welterusten." Het was duidelijk. Hij wilde er niet meer over praten.

Dinsdag 7 augustus 2001:
Toen die ochtend om zes uur mijn wekker afliep, stapte ik meteen onder de douche. Daarna liep ik naar mijn meditatiekamertje. Net toen ik de deur achter me wilde dichtdoen, hoorde ik Casper vragen of het goed was dat hij meedeed. "Natuurlijk, dat vind ik fijn." Ik legde een tweede mat neer en zette een bankje voor hem klaar. Nadat ik de kaarsen en de wierook had aangestoken, maakten we de drie buigingen en gingen we zitten. Ik bediende de klankschaal en zette het wekkertje aan. Ik was hogelijk verbaasd over de prachtig rechte manier waarop Casper zat. Alsof hij het al jaren gedaan had. Ook zat hij ontzettend stil en waar ik af en toe verschoof, zat hij als een beeld zo stil. Toen de wekker afliep, zette ik hem uit en sloeg nog een keer op de klankschaal. Ik zuchtte diep. "En hoe vond je het?"

"Lekker, een prima gevoel zo lekker rustig de dag te kunnen beginnen."

"Ja, dat vind ik nou ook altijd. De dag beginnen met zo'n rustig moment is een prachtige gewoonte." Ik liep naar beneden om het ontbijt te maken terwijl Casper zich douchte. Toen hij beneden kwam, drukte hij een zoen op mijn lippen.

"Goedemorgen, lieveling."

"Goedemorgen, prachtige jongeling. En ben je nog boos," wilde ik weten.

"Een beetje, maar dat gaat wel weer over denk ik. Ik vind het alleen zo vreselijk jammer dat we steeds op prachtige momenten op moeten houden. Zondagochtend, gisteravond. Net als ik het gevoel heb je te kunnen veroveren, haak je af." Ik knikte begrijpend.

"Maar je weet waarom hé?"

"Ja, maar dat wil nog niet zeggen dat ik ermee instem! Ik wil je leren kennen Vincent. En ook op dat gebied." Nogmaals knikte ik maar voor mij ging hij te ver. Zover zou ik het niet laten komen niet voordat …We begonnen te eten en praatten verder niet meer over het heikele onderwerp. Na de afwas, ging ik naar mijn werkruimten en trok hij zijn laarzen aan om naar de tuin te gaan, zijn werkplek.

Om 10.40 uur, na drie klanten gehad te hebben, dronk ik samen met Casper koffie in de tuin. Hij was druk bezig geweest en op bepaalde plekken kon ik de contouren van zijn ideeën die hij gisteren voor mij geschetst had al herkennen. Hij was echt vakkundig bezig geweest en ik complimenteerde hem daarmee. "Ach, niet overdrijven," deed hij bescheiden.

"Nee, jongen. Het ziet er echt prima uit."

"Kan ik je soms komen helpen?" hoorden we opeens. Aan de andere kant van het hek stond Pim.

"Nee, dat is niet nodig," antwoordde Casper prompt. "Ik ben straks toch klaar en dan moet ik eerst wachten op het zand en de andere spullen die we nog moeten gaan kopen."

"Okay, maar als je me nodig mocht hebben, hoef je maar te gillen hoor!"

"Dank je," zei Casper. Pim ging weer naar binnen en ik keek verbaasd naar Casper.

"Zoo, je hebt behoorlijk indruk gemaakt geloof ik."

"Ja, bij hem wel!" De opmerking kwam aan.

"Hé, gaan we katten," vroeg ik plagerig. Casper reageerde echter niet en ging weer aan het werk. Het zat hem duidelijk niet lekker. Tijdens het middageten werd er een grote hoeveelheid zand op de oprit gekiept en Casper kon gaan beginnen te kruien.

De rest van de dag verliep verder zonder noemenswaardigheden. Nadat ik mijn twee patiënten die voor die middag gepland stonden geholpen had, reed ik met Casper naar het tuincentrum. Hij wist verrekte goed wat hij wilde en zo kwam het dat we al zeer snel konden afrekenen. "Brengen jullie de spullen thuis," vroeg hij de jongeman achter de kassa.

"Ja, dat kan wel maar dan komt er ƒ 50,00 bij."

"Wat?" riep Casper verbaasd. "Nou, weet je wat. Hou dan alles maar lekker en zet zelf alles maar weer op zijn plek." En meteen wilde hij weglopen. De jongeman was zeer verbaasd en keek mij met een hulpeloze blik aan. Ik haalde mijn schouders op.

"Wacht u maar even, ik vraag het wel even aan de chef," riep hij Casper na. Deze draaide zich om en kwam weer terug.

"Dat is toch belachelijk," zei hij mij. "Je koopt hier voor een vermogen en moet dan ook nog eens geld betalen om het thuis te laten bezorgen!" Ik bleef zwijgen bij zoveel vastberadenheid. De chef kwam en wees op het bordje bij de kassa. "Ja, meneer," begon mijn vriend, "ik kan heus wel lezen hoor maar vind het gewoon getuigen van verrekte weinig service. Ik, sorry wij, kopen hier voor een kapitaal en dan wilt u ons dat zelf laten vervoeren? Nee, sorry, u wilt het ook wel brengen maar dan moet ik nog meer gaan betalen. U heeft twee keuzes of u brengt het thuis voor het bedrag dat op de kassabon staat of ik laat alles hier staan en u bekijkt het maar."

"Maar meneer ik kan u geen voorkeursbehandeling geven!"

"Okay, kom Vincent we gaan." En hij trok me aan mijn arm mee de winkel uit. De chef bedacht zich echter snel.

"Wacht u nog even," de chef keek om zich heen of er geen andere klanten in de buurt waren, "misschien kunnen we er een mouw aanpassen. Als u beiden ons helpt met inladen hier en uitladen bij u thuis dan kan ik het zonder verdere kosten laten bezorgen." Casper keek me glunderend aan.

"Okay, dat is een deal." En hij schudde de hand van de chef. Ik rekende af en nadat we de bestelwagen van het bedrijf samen met een andere medewerker hadden ingepakt reden we naar huis. In de auto sprak ik mijn bewondering uit over zijn doorzettingsvermogen. "Ach, je moet je gewoon niet laten flessen. Het is toch ook belachelijk. Hoe moet je in vredesnaam alles zelf in je auto mee naar huis nemen. Ze tillen je gewoon!" Nog geen uur later waren onze spullen er en brachten we gedrieën de spullen naar achteren. Toen was het echter al wel tijd geworden om te gaan eten. Ik zette een maaltijd in elkaar terwijl Casper nog het een en ander versleepte in de tuin. We aten genoeglijk en deden daarna de afwas. Casper wilde nog wat in de tuin bezig gaan maar ik weerhield hem ervan.

"Je hebt vakantie hoor! Wil je ook nog eens wat gaan ontspannen!" hield ik hem voor. Niet helemaal overtuigd, legde hij zich bij mijn uitspraak neer. We gingen rustig op de bank zitten en al snel liet hij zijn hand in de mijne glijden. "Ik hou van je Casper," fluisterde ik in zijn oor.

"Ik weet het," luidde zijn reactie. Hij kneep me in mijn wang en trok me naar zich toe. "Zeg, dat wilde ik je al de hele tijd vragen."

"Wat?"

"Vind je het goed dat we dit weekend naar mijn thuis gaan? Mijn moeder is zondag namelijk jarig en daar wil ik dan wel graag zijn."

"Natuurlijk, dat is toch prima." Ik nestelde me opnieuw in zijn armen en toen rinkelde de telefoon. Met een diepe zucht onttrok ik me aan zijn strelende handen. "Waelbers!"

"Ah, Vince, hoe is het met je? Weer thuis? En hoe is het met de liefde? Al eens wat aan de haak geslagen?" Mijn tante Emma dus. De enige die me Vince noemt en met een hele serie vragen begint waarop ze je niet eens de tijd gunt om de antwoorden.

"Ach nu u het over de liefde heeft, hij zit hier vlak bij me. Wilt u hem even spreken?"

"Jaaaa, dat lijkt me wel wat!" Ik wenkte Casper dichterbij en zei hem dat tante Emma hem wilde spreken. Meteen schakelde ik de luidspreker in zodat ik hun gesprek zou kunnen volgen.

"Maar ik ken haar niet eens!" zei hij.

"Straks wel," lachte ik.

"Met Casper."

"Wat een prachtige naam heb je jongen. En wil je mij straks even een plezier doen?"

"Natuurlijk wel."

"Dan moet je die plaaggeest van een Vincent eens een paar geweldige stompen verkopen. De eerste omdat hij mij 'tante' noemde terwijl hij wel weet dat ik dat niet wil hebben en ten tweede omdat hij jou zo voor het blok zette." Met verbazing hoorde ik Emma aan.

"Dat zal ik doen mevrouw."

"Nee, nee, jongen ik heet geen mevrouw. Noem mij maar gewoon Emma. En zeker geen tante! Ik vind het heel leuk een klein beetje kennis met je gemaakt te hebben en hoop dat ik zeer spoedig je nader leer kennen."

"Goed, mevr… uhh, goed Emma." Casper overhandigde mij de hoorn weer en diende me meteen mijn eerste stomp toe.

"Auw," riep ik hard in de hoorn.

"Ja, Vince je verdiende loon," merkte mijn tante Emma op. Het verdere gesprek duurde lang omdat zij de meeste tijd aan het woord was en uitvoerig rapporteerde over hetgeen zij de afgelopen tijd allemaal had beleefd. Uiteindelijk, en dat was de bedoeling van het telefoontje geweest, spraken we af dat ze donderdag langs zou komen. Ik zou haar tegen drie uur van het station afhalen. Nadat we afscheid hadden genomen, plofte ik met een nieuwe diepe zucht naast Casper op de bank. Meteen ging hij in de aanval en incasseerde ik mijn tweede dreun. We rolden van de bank op de grond en onze stoeipartij was de inleiding tot een heerlijke vrijage. We rolden om en om en drukten onze lijven zo dicht mogelijk op en tegen elkaar. Casper was verrekte fanatiek en liet met voelen hoe sterk hij was. Natuurlijk had ik hem makkelijk kunnen pareren maar ik wilde het gewoon niet. Ik liet me onder krijgen en Casper ging schrijlings op me zitten. Hij pakte met twee handen mijn overhemd beet en scheurde het open. De knopen vlogen in het rond. Wow, die was heet. Meteen wierp hij zich om mijn borst en begon die heerlijk te verwennen met zijn vingers en tong. Ik werd keihard en wilde maar een ding hem laten merken hoe hard ik wel niet was. Hem laten merken dat ik zijn gaatje wilde. Een nieuw robbertje vechten en toen lag hij onder mij. Ik scheurde ook zijn overhemd (een van mezelf) open en opende ook meteen zijn broek en trok die samen met zijn slip naar beneden. Ook hij was in optima forma. Zijn lid was groot en hard. Ik werkte mijn eigen broek naar beneden en legde zijn benen tegen mijn schouders aan.

"Oh ja, toe Vincent, neem me," kreunde hij luid. "Toe, maak me de jouwe!" Toen bemerkte ik ineens wat ik aan het doen was. Ik stopte en beschaamd liet ik hem los.

"Alsjeblieft Vincent, ik vind je vreselijk lief en wil één met jou worden. Kun je je principes niet aan de kant zetten en het gewoon met me doen?" De stilte kwam weer tussen ons. De stilte waarin ik zijn voorstel overwoog en allerlei herinneringen door mijn hoofd flitsten.

"Nee, Casper, ik kan het niet. Ik heb dit allemaal al eens eerder doorgemaakt en …"

"Verdomme," haalde hij woest uit. "Ik wil niet dat je me steeds met dingen uit het verleden vergelijkt. Ik ben ik Vincent en niet die kloothommel waarmee jij een relatie hebt gehad." Opnieuw stilte. Waren we nu beiden druk in gedachten bezig, of was ik nog steeds de enige? "Sorry, maar ik word daar zo kriegel van."

"Okay maar ik wil graag eerst van je horen dat je van me houdt. Okay!"

"Nee, ik heb je al uitgelegd dat dat iets is dat langzaam bij mij moet komen. Dat kan ik niet ineens. Het is voor mij nog een te grote stap. En, en spreken mijn daden niet voor zich? Ben ik je niet achterna gekomen omdat ik voel dat er iets bijzonders tussen ons is?"

"Jawel maar…"

"Maar wat Vincent. Wat ontbreekt er dan nog!"

"Die paar kleine woordjes Casper. Die ontbreken."

"Ik kan er niet meer tegen Vincent. Ik doe er alles aan om je te leren kennen. Ik merk gewoon dat ik steeds meer van je ga houden maar jij komt niet uit die verdomde schuilhoek van je principes. Je verbergt je er achter en laat mij niet je ware gevoelens zien!"

"Dat is niet waar! Ik hou van je man!"

"Laat me dat dan zien. Vrij met me, neuk me, maak me de jouwe!" Opnieuw stilte. Ik dacht niet meer, wist niet meer wat te moeten denken. "Ik wil dat je nu met me vrijt en anders stap ik nu nog op."

"Dat meen je niet. Zo kom je terug en vraag je me om me te leren kennen en zo wil je er weer uitstappen?"

"Ja, omdat ik nu het gevoel heb dat jij geen stap in mijn richting zet."

"Dat is niet waar!"

"Wel waar. Ik probeer je te leren kennen maar jij graaft je in in je principes. Zeg me dat je me niet wilt, dan heb je een reden om niet met me te hoeven vrijen." Ik bleef stil want ik wilde hem maar nu nog niet. "Zie je wel. Je wilt me dus wel maar alleen om die kleine rot woordjes blijf je van me af. Ik haat woorden Vincent! Met woorden kun je zoveel kapot maken. Woorden zijn bedrieglijk. En echt ik meende wat ik net zei." Verslagen onderging ik zijn woeste blik. Ik wist niet wat te moeten doen, wat te moeten zeggen. Toen hij opstond naar de telefoon liep en in het telefoonboek een telefoonnummer opzocht wist ik het helemaal niet meer. Vurig tikte hij de nummers in en bestelde een taxi.

"Alsjeblief Casper blijf en laten we erover praten."

"Nee, ik wil niet meer praten. Je hebt me vaak genoeg gezegd dat je van me houdt. Ik had nu het bewijs willen zien!" Hij denderde de trap op naar boven en kwam even later gekleed in zijn eigen kleren en met zijn rugzak in de hand weer terug. Toen de taxi het erf opreed, liep hij het huis uit en sloeg de voordeur hard achter zich dicht. Ik hoorde hoe een autodeur zich opende en weer sloot en daarna reed de taxi weg.

Opnieuw was ik er in geslaagd hem te verliezen.

Wordt vervolgd...

3708 keer gelezen

Score: 7
(van aantal stemmen: 183)

Je moet eerst inloggen om te kunnen stemmen.

Wij gebruiken cookies

Deze website gebruikt cookies om basisfunctionaliteit te garanderen, het gebruik te analyseren en marketing en advertenties te personaliseren zodat deze beter aansluiten bij jouw interesses.